wetzoeker

5a.7 — Resultaten Gewijzigd besluit redelijk rendement warmteleveranciers

Resultaten

97z. In deze paragraaf beschrijft de ACM de resultaten van de analyse naar het verband tussen de KVV en de grootte van warmteleveranciers.

97aa. Figuur E toont een staafdiagram met de gewogen gemiddelde KVV per grootteklasse, gewogen op basis van rentedragende schulden. De bijbehorende gegevens staan in Tabel E. Micro-leveranciers hebben een gewogen gemiddelde KVV van 3,43%, gevolgd door kleine leveranciers met 3,18%, middelgrote leveranciers met 2,18% en grote leveranciers met 4,19%. Het gewogen gemiddelde voor de gehele finale dataset is gelijk aan 4,05%. Figuur E geeft daarnaast de spreiding per grootteklasse weer aan de hand van het gewogen 25ste en 75ste percentiel. Deze spreiding is het grootst bij micro- en kleine leveranciers.

Tabel E – Gewogen gemiddelde KVV per grootteklasse (totale activa)

Gewogen gemiddelde KVV | Gewogen 25e percentiel | Gewogen 75e percentiel

Micro | 3,427% | 1,560% | 4,437%

Klein | 3,182% | 2,061% | 3,961%

Middelgroot | 2,180% | 1,991% | 2,810%

Groot | 4,186% | 3,599% | 4,486%

97bb. De ACM constateert op basis van Figuur E dat de gewogen gemiddelde KVV van micro-, kleine- en middelgrote leveranciers onder het sectorgemiddelde ligt. Deze empirische bevinding ontkracht de aanname uit het deskundigenrapport dat kleinere warmteondernemingen hogere financieringslasten zouden hebben. Uit de analyse blijkt juist dat de grootste warmteleveranciers relatief hoge rentelasten rapporteren. Deze leveranciers trekken het gewogen gemiddelde van de gehele dataset omhoog. Kleinere warmteleveranciers krijgen aldus een vergoeding die hoger ligt dan hun werkelijke kosten voor vreemd vermogen. De ACM ziet geen rechtvaardiging voor een opslag op de KVV voor kleine leveranciers op basis van deze werkelijke gegevens.

97cc. Verder stelt de ACM vast dat voor de jaren 2023–2025 de gewogen gemiddelde KVV hoger uitkomt dan in het oorspronkelijk besluit: 4,05% tegenover 3,31%. Deze stijging kan worden verklaard door het gebruik van een recentere peildatum in de huidige dataset. Door toegenomen kapitaalmarktrentes in de periode 2022-2023 heeft dit een aanzienlijk opwaarts effect op de KVV. Dit heeft de ACM meegenomen.

97dd. In Figuur F classificeert de ACM de warmteleveranciers in de dataset op basis van omzet in plaats van totale activa. De bijbehorende gegevens staan in Tabel F. De conclusie blijft onveranderd: ook op basis van indeling naar omzet hebben micro-, kleine en middelgrote warmteleveranciers een lagere gewogen gemiddelde KVV dan grote warmteleveranciers. De ACM ziet wederom geen rechtvaardiging voor een opslag op de KVV voor kleine leveranciers op basis van deze werkelijke gegevens.

Tabel F – Gewogen gemiddelde KVV per grootteklasse (classificatie omzet)

Gewogen gemiddelde KVV | Gewogen 25e percentiel | Gewogen 75e percentiel

Micro | 3,323% | 2,061% | 3,961%

Klein | 2,245% | 1,788% | 2,810%

Middelgroot | 2,724% | 2,724% | 2,724%

Groot | 4,440% | 3,599% | 4,486%

Regeling
Gewijzigd besluit redelijk rendement warmteleveranciers
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
09-10-2025
BWB-id
BWBR0051608
Versie
2025-10-09_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl