wetzoeker

6.9 — DNA-onderzoek Regeling model huisregels AIT en EBI

DNA-onderzoek

(Op de navolgende bepalingen na, aan de directeur)

Sinds de inwerkingtreding van de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden wordt in de PI’s, in opdracht van het Openbaar Ministerie, celmateriaal afgenomen bij personen die veroordeeld zijn wegens ieder misdrijf waarvoor voorlopige hechtenis mogelijk is.

U bent verplicht om celmateriaal voor DNA-onderzoek af te staan als u veroordeeld bent voor één van de volgende feiten:

– een geweldsdelict;

– een seksueel delict;

– één of meer van de bijzondere delicten genoemd in het inwerkingtredingbesluit van de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden waarop een strafdreiging van vier jaar of méér staat.

DNA wordt afgenomen door een hiertoe opgeleid personeelslid, waarbij het vier ogen-principe zoals beschreven in paragraaf 2.1 in acht wordt genomen. Bij weigering krijgt u maximaal vijf dagen bedenktijd in een afzonderingscel. Mocht u hierna alsnog weigeren, wordt het DNA onder dwang door een arts afgenomen.

Bezwaar maken tegen de afname van DNA-celmateriaal is niet mogelijk. Wel kunt u bezwaar maken tegen de opname van uw DNA-profiel in de DNA-databank. Het bezwaar moet binnen twee weken na de DNA-afname worden aangetekend bij de griffie van de rechtbank waar u bent veroordeeld. Uw rechtsbijstandverlener kan u hierbij helpen. Is de rechter het met uw bezwaar eens? Dan wordt uw DNA-materiaal vernietigd. Is de rechter het niet met u eens (‘bezwaar ongegrond’), dan wordt alsnog een DNA-profiel gemaakt voor de DNA-databank. U kunt geen hoger beroep instellen tegen de beslissing van de rechter.

Nadere regelgeving

– Penitentiaire beginselenwet; art. 35

– Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden

Regeling
Regeling model huisregels AIT en EBI
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-11-2025
BWB-id
BWBR0051594
Versie
2025-11-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl