wetzoeker

8 — Bevoegdheid tot het aanwijzen van andere functionarissen Belastingen, internationale administratieve samenwerking; aanwijzing en mandaatverlening DG Belastingdienst

Bevoegdheid tot het aanwijzen van andere functionarissen

a. De hiervoor onder 3 genoemde algemeen directeur is gemandateerd om andere functionarissen van de Belastingdienst aan te wijzen om namens ‘Onze Minister’ besluiten te nemen en inlichtingen te verstrekken, alsmede te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van en toezicht te houden op de naleving van de regelingen waarvoor hij als zodanig is aangewezen. Ingeval deze algemeen directeur functionarissen van de Belastingdienst aanwijst die ressorteren onder de verantwoordelijkheid van een andere (algemeen) directeur, doet hij dat niet dan na instemming van de desbetreffende (algemeen) directeur.

b. De hiervoor onder 4 genoemde algemeen directeur is gemandateerd om andere functionarissen van de Belastingdienst aan te wijzen om besluiten te nemen namens ‘Onze Minister’ ter uitvoering van de Wet op de internationale bijstandsverlening bij de heffing van belastingen en de artikelen 8.133a en 8.133b van de Belastingwet BES teneinde toezicht te houden op de naleving van de verplichtingen die uit deze wetten voortvloeien. Ingeval deze algemeen directeur functionarissen van de Belastingdienst aanwijst die ressorteren onder de verantwoordelijkheid van een andere (algemeen) directeur, doet hij dat niet dan na instemming van de desbetreffende (algemeen) directeur.

c. De hiervoor onder 5 genoemde algemeen directeur is gemandateerd om onder hem ressorterende functionarissen aan te wijzen om handelingen te verrichten ter uitvoering van de Wet op de internationale bijstandsverlening bij de heffing van belastingen en de artikelen 8.133a en 8.133b van de Belastingwet BES teneinde toezicht te houden op de naleving van de verplichtingen die uit deze wetten voortvloeien.

d. De hiervoor onder 6 genoemde directeur is gemandateerd om onder hem ressorterende functionarissen aan te wijzen om handelingen te verrichten ter uitvoering van Hoofdstuk VIII, Titel 9, afdeling 2 van de Belastingwet BES teneinde toezicht te houden op de naleving van de verplichtingen die uit deze wet voortvloeien.

e. De hiervoor onder 7 genoemde algemeen directeur is gemandateerd om onder hem ressorterende functionarissen aan te wijzen om te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van de regelingen waarvoor hij als ‘bevoegde autoriteit’ is aangewezen.

Regeling
Belastingen, internationale administratieve samenwerking; aanwijzing en mandaatverlening DG Belastingdienst
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
18-09-2025
BWB-id
BWBR0051518
Versie
2025-09-18_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl