wetzoeker

Bijlage — Wegingscriteria als bedoeld in artikel 7, tweede lid Subsidieregeling ter versterking van de Tweede Wereldoorlog herinneringssector

Wegingscriteria als bedoeld in artikel 7, tweede lid

Criterium | Omschrijving | Wat moet er in de aanvraag zijn opgenomen? | Score maximaal 125 punten

A. Samenwerking | De omvang van de samenwerking tussen de subsidieaanvrager en andere rechtspersonen zonder winstoogmerk. | Een uitwerking van de rol- en verantwoordelijkheidsverdeling, waaronder een omschrijving van de taken en afspraken van de subsidieaanvrager en de andere rechtspersonen zonder winstoogmerk binnen de samenwerking. | [max. 35 punten] 5 punten als de activiteiten volledig ontwikkeld worden door de subsidieaanvrager en de gerealiseerde activiteiten slechts worden ‘gebruikt’ door andere rechtspersonen zonder winstoogmerk. Hierbij kan gedacht worden aan het overnemen van een tentoonstelling. 15 punten als de activiteiten worden ontwikkeld door de subsidieaanvrager en de expertise van één andere rechtspersoon zonder winstoogmerk is betrokken. 20 punten als de activiteiten worden ontwikkeld door de subsidieaanvrager en de expertise van één andere rechtspersoon zonder winstoogmerk is betrokken en de activiteiten door beide organisaties worden uitgevoerd. 30 punten als de activiteiten worden ontwikkeld door de subsidieaanvrager en de expertise van minimaal twee andere rechtspersonen zonder winstoogmerk is betrokken. NB als de expertise van meer dan twee organisaties is betrokken blijft het aantal te scoren punten 30. 35 punten als de activiteiten worden ontwikkeld door de subsidieaanvrager en de expertise van minimaal twee andere rechtspersonen zonder winstoogmerk is betrokken en de activiteiten door minimaal deze twee organisaties worden uitgevoerd.

B. (Participatie) doelgroepen | De mate van participatie van de beoogde doelgroepen bij de vormgeving en de uitvoering van de activiteiten. Met doelgroep wordt bedoeld: degenen voor wie de activiteiten worden opgezet. | – Een omschrijving van de doelgroep waar de activiteiten zich op richten. – De wijze waarop de doelgroep is betrokken bij de vormgeving en uitvoering van de activiteiten. – (indien relevant): de wijze waarop de doelgroep in het verleden is betrokken bij de vormgeving van activiteiten en waarop in de aanvraag wordt voortgebouwd. | [max. 20 punten] 5 punten als de activiteiten ontwikkeld zijn op basis van ervaringen met activiteiten voor de dezelfde doelgroep. 10 punten als de activiteiten worden ontwikkeld in overleg met een vertegenwoordiging van de doelgroep. 20 punten als de activiteiten samen met een vertegenwoordiging van de doelgroep worden ontwikkeld en uitgevoerd.

C. Ervaring | De mate waarin de subsidieontvanger ervaring heeft met het uitvoeren van activiteiten voor de kennisoverdracht van Nederlanders over de Tweede Wereldoorlog of de Holocaust. | Een omschrijving van de ervaring met het uitvoeren van activiteiten over de Tweede Wereldoorlog of de Holocaust. Hiervoor kan gebruik worden gemaakt van de jaarverslagen van de afgelopen 5 jaar, in zoverre deze beschikbaar zijn. | [max. 30 punten] 5 punten als de aanvrager tot 1 jaar ervaring heeft met het uitvoeren van activiteiten op het gebied van kennisoverdracht over de Tweede Wereldoorlog of de Holocaust. 20 punten als de aanvrager tot 3 jaar ervaring heeft met het uitvoeren van activiteiten op het gebied van kennisoverdracht over de Tweede Wereldoorlog of de Holocaust. 30 punten als de organisatie meer dan 3 jaar ervaring heeft met het uitvoeren van activiteiten op het gebied van kennisoverdracht over de Tweede Wereldoorlog of de Holocaust.

D. Aanvulling bestaand aanbod | De mate waarin de activiteit voorziet in een leemte in het aanbod voor de doelgroep. Of de mate waarin de activiteit een meerwaarde ten opzichte van het bestaande aanbod voor de doelgroep biedt. | – Een beschrijving van het bestaande aanbod voor de doelgroep en de te vervullen leemte voor die doelgroep. – Een beschrijving van de meerwaarde van de activiteit voor de doelgroep binnen het bestaande aanbod voor de doelgroep. | [max. 20 punten] 10 punten als de activiteit een meerwaarde vormt op het bestaande aanbod voor deze doelgroep. 20 punten als de activiteit in een leemte voorziet voor deze doelgroep.

E. Continuering | De mate waarin de continuering van de activiteit na afloop van de subsidieperiode is geborgd. | Een beschrijving van de manier waarop de activiteiten zullen worden geborgd en of voortgezet na afloop van de subsidieperiode. | [max. 20 punten] 10 punten als de activiteiten stoppen na afloop van het project, maar de aanpak en resultaten toegankelijk blijven voor derden, bijvoorbeeld via een website. 20 punten als de activiteiten voortbestaan zonder subsidie van de rijksoverheid.

Regeling
Subsidieregeling ter versterking van de Tweede Wereldoorlog herinneringssector
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
29-04-2026
BWB-id
BWBR0051488
Versie
2026-04-29_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl