Artikel 4 — Definities RvA Beleidsregel Accreditaties (RvA-BR001-NL)
Definities RvA
4.1 Accreditatiebeoordeling: beoordeling door de RvA om vast te stellen of een CBI over competentie, consistente bedrijfsvoering en onpartijdigheid beschikt op basis van norm(en) en andere normatieve documenten en voor een gedefinieerde scope van accreditatie;
4.2 Accreditatiebeschikking: Een besluit van het bestuur van de RvA tot het verlenen, intrekken, schorsen, uitbreiden of inperken van een accreditatie;
4.3 Accreditatiecyclus: De periode van vier jaar waarin de RvA controleert of de CBI nog aan de accreditatievereisten voldoet. De cyclus begint na een positief besluit over een initiële of herbeoordeling en omvat de controlebeoordelingen en de herbeoordeling in deze periode;
4.4 Accreditatie-instantie: Accreditatie-instantie die ondertekenaar is van de EA-MLA, ILAC-MRA en/of de IAF-MLA;
4.5 Accreditatiemerk: het beeldmerk waarmee de geaccrediteerde CBI zijn geaccrediteerde status aangeeft;
4.6 Accreditatiespecificatie RvA: document van de RvA dat de accreditatievereisten bevat voor een specifiek onderwerp, een specifieke norm of een specifiek type CBI. Het document bevat verplichtingen voor de RvA en de CBI’s;
4.7 Accreditatievereisten: De eisen en voorwaarden die gelden voor het verkrijgen en behouden van een accreditatie;
4.8 Accreditatieverklaring: Het officiële document van de RvA waarin staat dat een CBI is geaccrediteerd, met daarin de naam van de CBI, de norm voor accreditatie, datum en referentie naar de bijlage bij deze verklaring;
4.9 Afwijking: Een situatie waarin een CBI niet voldoet aan de accreditatievereisten. Ook wel non-conformiteit genoemd;
4.10 Afwijking categorie A: Een ernstige afwijking van de accreditatievereisten die kan leiden tot onbetrouwbare resultaten, onterecht claimen van accreditatie of risico’s voor veiligheid of gezondheid van personen of voor het milieu;
4.11 Afwijking categorie B: Een afwijking die niet meteen leidt tot gevaar of foutieve resultaten, waarbij de CBI niet voldoet aan de accreditatievereisten;
4.12 Beoordelingsplan: Beschrijving van de activiteiten en afspraken voor een specifieke accreditatiebeoordeling;
4.13 Beoordelingsprogramma: Vooraf vastgesteld plan dat beschrijft hoe vaak en hoe uitgebreid de accreditatiebeoordelingen zijn tijdens de volledige accreditatiecyclus;
4.14 Bezwaar: Het verzoek tot heroverwegen van een besluit van het bestuur van de RvA, in de zin van de Algemene wet bestuursrecht;
4.15 Bijlage bij de accreditatieverklaring: dit document geeft de specificatie van het toepassingsgebied van de accreditatie van de betreffende CBI, inclusief de scope van accreditatie en de vestigingslocaties;
4.16 Buitengewone omstandigheid: Een situatie buiten de invloed van de CBI of de RvA (ook wel overmacht genoemd) die het uitvoeren of beoordelen van activiteiten belemmert. Denk aan oorlog, stakingen, natuurrampen, pandemieën of cyberaanvallen;
4.17 Commissie Accreditaties: De commissie binnen de RvA die het bestuur adviseert over het toekennen en intrekken van accreditaties;
4.18 Conformiteitsbeoordelingsinstantie: Een instelling die conformiteitsbeoordelingsactiviteiten verricht, waaronder kalibreren, organiseren van proficiency testen, produceren van referentiemateriaal, (medische) testen, beheer van biobanken, certificeren, inspecteren of valideren en verifiëren;
4.19 Correctie: Actie om een vastgestelde afwijking te elimineren en eventueel herroepen van resultaten;
4.20 Corrigerende maatregelen: Maatregelen waarmee de oorzaak van een afwijking wordt weggenomen en wordt voorkomen dat die opnieuw ontstaat;
4.21 European co-operation for Accreditation: Het samenwerkingsverband van accreditatieinstellingen in Europa, op alle normen voor accreditatie;
4.22 Hoofdlocatie: De vestigingslocatie van de juridische entiteit die geaccrediteerd is en die als hoofdkantoor op de bijlage bij de accreditatieverklaring is aangemerkt;
4.23 International Accreditation Forum: Het mondiale samenwerkingsverband van accreditatieinstellingen op het gebied van certificatie en validatie & verificatie;
4.24 International Laboratory Accreditation Cooperation: Het mondiale samenwerkingsverband van accreditatieinstellingen op het gebied van (medische) testen, kalibratie, biobanken, organisatoren van proficiency testen, producenten van referentiemateriaal en inspectie;
4.25 Informatief document: document van de RvA dat uitleg geeft over een onderwerp, werkterrein of norm. Het is informatief en bevat geen verplichte regels. Het wordt aangeduid als INF-document;
4.26 Initiële beoordeling: De beoordeling van een CBI om accreditatie te verkrijgen voor de betreffende norm voor accreditatie en voor een uniek registratienummer;
4.27 Interpretatiegeschil: Verschil van mening tussen een CBI en het beoordelingsteam over de interpretatie van accreditatievereisten bij de vaststelling van een afwijking;
4.28 Klacht: Uiting van ongenoegen, anders dan een bezwaar, over de wijze waarop de RvA, of een persoon die werkzaam is onder de verantwoordelijkheid van de RvA, zich in een bepaalde aangelegenheid jegens de klager of jegens een ander heeft gedragen;
4.29 Melding: Uiting van ongenoegen over een door de RvA geaccrediteerde CBI betreffende werkzaamheden die binnen de accreditatie vallen;
4.30 Mogelijkheid ter verbetering: een suggestie voor verbetering van een proces of systeem, ook al voldoet het aan de accreditatievereisten en zonder een specifieke oplossing te benoemen;
4.31 Multilateraleovereenkomst: De overeenkomsten inzake de wederzijdse erkenning en acceptatie van accreditatie, die binnen EA, IAF en ILAC zijn opgesteld; deze overeenkomsten worden aangeduid met respectievelijk EA-MLA, IAF-MLA en ILAC-MRA;
4.32 Punt van aandacht: een constatering die nog geen afwijking is, maar dat wel kan worden als de CBI geen actie onderneemt;
4.33 Raad voor Accreditatie: De Stichting Raad voor Accreditatie, die in de Wet aanwijzing nationale accreditatie-instantie is aangewezen als de Nederlandse nationale accreditatie-instantie in de zin van artikel 4 van de Verordening (EG) nr. 765/2008;
4.34 Rapport deel A: Document waarin de CBI en de RvA informatie over de CBI bijhouden, inclusief het beoordelingsprogramma;
4.35 Scope van accreditatie: Specifieke conformiteitsbeoordelingsactiviteiten waarvoor accreditatie is verleend;
4.36 Schorsing van een accreditatie: Het tijdelijk opschorten van de accreditatie of een deel daarvan, zoals bedoeld in artikel 5, vierde lid, van de Verordening (EG) nr. 765/2008;
4.37 Specifiek Accreditatieprotocol: Een document van de RvA met aanvullende accreditatieregels voor een bepaald werkgebied, bovenop de algemene regels;
4.38 Toelichtend document: Dit document beschrijft het beleid en/of de werkwijze van de RvA met betrekking tot een specifiek accreditatieonderwerp. Toelichtende documenten zijn verplichtende documenten;
4.39 Nationale accreditatie-instantie: De enige instantie in een EU-lidstaat die bevoegd is accreditaties toe te kennen volgens de Europese regels;
4.40 Reguliere beoordeling: In de regel jaarlijkse accreditatiebeoordeling welke gepland is in het kader van de accreditatiecyclus. Hieronder worden de controlebeoordelingen en de herbeoordeling verstaan;
4.41 Uitbreiding: Verzoek van de CBI om extra activiteiten of vestigingslocaties toe te voegen aan de bestaande accreditatie;
4.42 Vestigingslocatie: een (complex van) gebouw(en) waar de CBI gevestigd is en werk uitvoert en/of personeel aanstuurt voor geaccrediteerde activiteiten;
4.43 Vooronderzoek: Beoordeling van het gedocumenteerde systeem van de CBI op conformiteit met de norm voor accreditatie en de andere accreditatievereisten;
4.44 Werkterrein RvA: onderwerpen waarvoor RvA binnen de betreffende norm voor accreditatie competentie bezit en accreditatie heeft ontwikkeld om accreditatie te kunnen verlenen, gedefinieerd naar de binnen die norm gebruikelijke termen zoals vakgebied, grootheid, werkveld.
- Regeling
- Beleidsregel Accreditaties (RvA-BR001-NL)
- Soort
- ZBO-regeling
- Geldend vanaf
- 15-09-2025
- BWB-id
- BWBR0051398
- Versie
- 2025-09-15_0