wetzoeker

Artikel 5.2 Regeling bemanning zeeschepen

Tuchtrechtspraak

1 De leden, de plaatsvervangende leden en de plaatsvervangende secretarissen ontvangen voor het bijwonen van een zitting van het tuchtcollege voor de scheepvaart een vacatiegeld van € 342.

2 De voorzitter of de plaatsvervangende voorzitters ontvangen voor het voorbereiden van een zitting, het leiden van een zitting en het voorbereiden van een uitspraak na afloop van een zitting van het tuchtcollege voor de scheepvaart een vacatiegeld van € 684 per zaak.

3 De plaatsvervangende secretaris ontvangt voor het uitschrijven van een concept van een uitspraak een vacatiegeld van € 342 per zaak.

4 De voorzitter of de plaatsvervangende voorzitter ontvangt voor het nemen van een beslissing als bedoeld in artikel 49, eerste lid, van de wet, en voor het beproeven van een minnelijke schikking als bedoeld in artikel 49, vierde lid, van de wet, een vacatiegeld van € 228.

5 De voorzitter, plaatsvervangend voorzitter en de plaatsvervangende secretaris ontvangt voor werkzaamheden die verband houden met het algemene functioneren van het tuchtcollege een vacatiegeld van € 684 per dag.

6 De plaatsvervangende secretaris ontvangt voor werkzaamheden die verband houden met het algemene functioneren van het tuchtcollege een vacatiegeld van € 342 per dag.

Regeling
Regeling bemanning zeeschepen
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0051068
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl