wetzoeker

Artikel 4.1.7 Regeling bemanning zeeschepen

Huisvesting en voorzieningen ten behoeve van zeevarenden aan boord van een zeeschip met een kiellegdatum van op of na 20 augustus 2013, niet zijnde een vissersvaartuig

1 Op een passagiersschip of een zeeschip voor bijzondere doeleinden is het overeenkomstig norm A3.1, zesde lid, onderdeel d, van het MLC-verdrag toegestaan slaapverblijven onder de referentielastlijn te plaatsen.

2 In afwijking van norm A3.1, zesde lid, onderdeel d, van het MLC-verdrag kunnen als wezenlijk gelijkwaardige bepaling als bedoeld in artikel VI, derde lid, van het MLC-verdrag slaapverblijven onder werkgangen worden geplaatst, indien deze slaapverblijven zodanig zijn geïsoleerd dat wordt voldaan aan de normen voor geluidsisolatie tussen slaapverblijven en dagverblijven van de bij resolutie A.468(12) door de Algemene Vergadering van de Internationale Maritieme Organisatie aangenomen Code over geluidsniveaus op zeeschepen. Voor een zeeschip van meer dan 1.600 GT en indien het betreffende zeeschip is gebouwd op of na 1 juli 2014 is resolutie MSC.337 (91) van de Internationale Maritieme Organisatie over geluidsniveaus op zeeschepen van toepassing.

3 Slaapverblijven als bedoeld in het eerste en tweede lid voldoen aan de volgende eisen:

a. in het slaapverblijf wordt continue klimaatbeheersing toegepast die adequaat condensvorming en vocht gerelateerde geuren bestrijdt; en

b. de lichtsterkte van de verlichting is variabel instelbaar om het gebrek aan daglicht naar behoefte van de zeevarende te kunnen compenseren.

Regeling
Regeling bemanning zeeschepen
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0051068
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl