wetzoeker

5.2.2 — Forfaitaire methode doorverkoopartikelen – winkelwaarde Besluit administratieve verplichtingen omzetbelasting

Forfaitaire methode doorverkoopartikelen – winkelwaarde

De forfaitaire berekeningsmethoden voor doorverkoopartikelen (de in artikel 16 van het uitvoeringsbesluit onderkende methoden I, II en III) maken gebruik van het begrip winkelwaarde. Onder winkelwaarde wordt verstaan de prijs waarvoor de goederen door de ondernemer worden verkocht. Die prijs is samengesteld uit de inkoopprijs van de goederen (exclusief btw), een gemiddeld winstpercentage en de bij verkoop verschuldigde btw. De inkoopprijs kan de ondernemer afleiden uit de inkoopfacturen.

Bij de bepaling van de winkelwaarde moet niet alleen rekening worden gehouden met de normale verkopen maar ook met de verkoopprijzen in geval van uitverkoop en dergelijke bijzondere gelegenheden. Ook moeten winkelverliezen door inweging, breuk, bederf enz. en het onverkoopbaar worden van voorraden (winkeldochters) in aanmerking worden genomen. Het komt er dus op neer dat de werkelijke opbrengst van de goederen moet worden geschat.

In het algemeen zal het niet noodzakelijk zijn om doorlopend voor iedere inkoop de winkelwaarde van de ingebrachte goederen nauwkeurig uit te rekenen. Ervaringscijfers kunnen het mogelijk maken dat per groep van artikelen waarbij de winstmarges niet ver uiteenlopen de winkelwaarde rechtstreeks uit de netto inkoopprijzen wordt afgeleid door verhoging van die inkoopprijzen met een gemiddeld winstpercentage. Een dergelijk percentage zou dan in beginsel voor het gehele jaar kunnen gelden. De inspecteur kan op verzoek van en in overleg met de desbetreffende ondernemers zodanige winstpercentages vaststellen. De ondernemer zal dan de benodigde gegevens moeten verschaffen.

Regeling
Besluit administratieve verplichtingen omzetbelasting
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
09-05-2025
BWB-id
BWBR0051015
Versie
2025-05-09_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl