wetzoeker

Bijlage Regeling instellingssubsidie vakwedstrijden vo en mbo 2026–2036

Deze bijlage hoort bij de Regeling instellingssubsidie vakwedstrijden vo en mbo 2026-2036

Onderstaande tabel geeft een nadere uitwerking van de criteria waarop een subsidieaanvraag wordt beoordeeld.

Criterium | Beschrijving criterium | Minimumvereisten | Scoring

Organisatie (4-puntsschaal) Weging 20% | Er is inzichtelijk gemaakt hoe de wedstrijden georganiseerd en uitgevoerd gaan worden. | • De beschrijving van de organisatie- en overlegstructuur • Een activiteitenplan, inclusief nazorg voor de internationale vakwedstrijden • De risico’s en beheersmaatregelen • Evaluatie en bijsturing maakt onderdeel uit van het activiteitenplan. • Aantoonbare ervaring met soortgelijke evenementen, zowel nationaal als internationaal | Voor dit criterium wordt hoger gescoord als de aanvraag beter is uitgewerkt op: • De organisatie- en overlegstructuur met bijbehorende taken en verantwoordelijkheden is zodanig ingericht dat een succesvolle uitvoering van het plan van aanpak mogelijk is. • Het activiteitenplan is uitvoerbaar en haalbaar in de aangegeven tijd, door per fase aan te geven welke tussenresultaten op welk moment en op welke wijze behaald worden; • Risicobeheersing. De risico’s met bijbehorende maatregelen zijn kwalitatief goed in kaart gebracht, waaruit blijkt dat is nagedacht over mogelijke knelpunten en bedreigingen; • De wijze van het verzamelen van (voortgangs-) informatie voor (tussentijdse) bijsturing is bijgevoegd; • Informatie hoe de aanvrager de ervaring en kennis gebruikt voor de vakwedstrijden.

Samenwerking (4-puntsschaal) Weging 15% | Er is een gedragen samenwerking met relevante actoren | Er is inzichtelijk gemaakt dat met diverse relevante actoren (studenten, scholen/ instellingen, veldpartijen zoals de raden, en bedrijfsleven) wordt samengewerkt doordat dit is opgenomen in het activiteitenplan met een eventuele taakverdeling. | Voor dit criterium wordt hoger gescoord als de aanvraag beter is uitgewerkt op: • Het beschrijven van de belangen en de behoeften van de relevante actoren; • Het beschrijven van de inhoudelijke inbreng en deskundigheid van de relevante actoren bij het plan van aanpak; • Draagvlakverbreding door het betrekken van (een vertegenwoordiging van) leerlingen/studenten, oud-deelnemers, docenten, raden en praktijkopleiders bij de inhoudelijke invulling van de wedstrijden. • Draagvlakverbreding door het betrekken van onderwijsinstellingen en bedrijfsleven bij de organisatie en inrichting van de wedstrijden.

Financiën (4-puntsschaal) Weging 20% | Er is een inzichtelijke en evenwichtige begroting die voldoet aan de eisen van de regeling en de Kaderregeling OCW, SZW en VWS artikel 3.3. | • In de begroting is duidelijk weergegeven welke kosten (en mogelijke opbrengsten) door wie gemaakt worden, gerelateerd aan het activiteitenplan. • Uit de begroting blijkt dat de kosten in een redelijke verhouding (inzet uren, gehanteerd uurtarief, vergoeding te leveren goederen/ diensten) staan tot de beoogde activiteiten en opbrengsten De begroting mag het subsidieplafond niet overschrijden. | Voor dit criterium wordt hoger gescoord als de aanvraag beter is uitgewerkt op: • De onderbouwing van (alle) kosten en opbrengsten, inc. prijs*hoeveelheid onderbouwing; • De kosten voor overhead, door deze zo laag mogelijk te houden; • Als er sprake is van cofinanciering (financieel, dan wel materieel) en deze is toegelicht.

Inhoud (4-puntsschaal) Weging 20% | Er is inzichtelijk gemaakt hoe de concrete uitwerking van de wedstrijden er uit gaat zien en hoe daarmee wordt bijgedragen aan de doelstelling van de regeling. | • Hoe wordt bijgedragen aan het versterken van het imago van het beroepsonderwijs. • Hoe wordt bijgedragen aan het stimuleren van deelname van een zo groot mogelijk aantal jongeren/ jong volwassenen om beroeps- en vakgericht onderwijs te volgen en daarbij het beste in zich naar boven te halen. • Hoe wordt bijgedragen aan het stimuleren van onderwijsinnovatie. • Hoe wordt bijgedragen aan loopbaan- en beroepsoriëntatie voor jongeren in het V(S)O en het pro die niet deelnemen aan de wedstrijden. | Voor dit criterium wordt hoger gescoord als de aanvraag beter is uitgewerkt op: • De bijdrage aan het versterken van het imago van het beroepsonderwijs; • De bijdrage om het beste uit jongeren/jong volwassenen naar boven te halen; • De inzet van andere onderwijsvormen en/of nieuwe technologieën, als onderdeel van de wedstrijden; • De inhoudelijke bijdrage van relevante actoren. • Stimuleren van diversiteit in beroeps- en vakgerichte opleidingen; • Stimuleren van diversiteit in de doelgroep leerlingen/ studenten. • Regionale en sectorale verschillen bij de organisatie van de wedstrijden voor vo en mbo;

Duurzaamheid (4-puntsschaal) Weging 15% | Er is aangegeven hoe het doel van de wedstrijden ook in de toekomst kan worden nagestreefd en hoe de voorgestelde aanpak daaraan bijdraagt. | • Jongeren/jong volwassenen blijvend interesseren voor beroeps- en vakgericht onderwijs. • Zorgdragen dat ontwikkelde producten aansluiten bij het onderwijsprogramma. • Zorgdragen dat het bedrijfsleven structureel betrokken blijft. | Voor dit criterium wordt hoger gescoord als de aanvraag beter is uitgewerkt op: • Visie over de wijze waarop de interesse van jongeren/jong volwassenen voor beroeps- en vakgericht onderwijs blijvend kan worden gestimuleerd • Visie over de wijze waarop de culturele diversiteit van leerlingen/studenten bij deelname kan worden gestimuleerd en geborgd. • Visie over borging van ontwikkelde producten in het onderwijsprogramma. • Visie op het borgen van structurele betrokkenheid van het bedrijfsleven.

Promotie (4-puntsschaal) Weging 10% | Er is aangegeven hoe de zichtbaarheid van de wedstrijden wordt bevorderd. Daarbij is eveneens aangegeven hoe de deelname aan de wedstrijden door leerlingen/studenten wordt vergroot in de looptijd van tien jaar. | • Publiciteit creëren rond de wedstrijden • Aantal deelnemers uit het v(s)o en pro aan de wedstrijden vergroten, het aantal deelnemers uit het mbo ten minste op peil houden en de variatie in deelnemers stimuleren • Aantal betrokken bedrijven vergroten | Voor dit criterium wordt hoger gescoord als de aanvraag beter is uitgewerkt op: • de werkwijze om de bekendheid van de vakwedstrijden bij een breed publiek (zoals ouders en toekomstige leerlingen) te vergroten. • de werkwijze om het aantal deelnemers aan de wedstrijden in de loop van tien jaar te vergroten; • de werkwijze om het aantal betrokken bedrijven in de loop van tien jaar te vergroten.

Regeling
Regeling instellingssubsidie vakwedstrijden vo en mbo 2026–2036
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
03-09-2026
BWB-id
BWBR0050945
Versie
2026-09-03_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl