wetzoeker

Regeling mobiele eenheid politie 2025

Regeling van de Minister van Justitie en Veiligheid van 4 april 2025, nr. 6267913, houdende nadere regels met betrekking tot de organisatie van de mobiele eenheid en het gezamenlijk oefenen door de mobiele eenheid (Regeling mobiele eenheid politie 2025)

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
15-04-2025
Rechtsgebied
Openbare orde en veiligheidsrecht
Ministerie
Justitie en Veiligheid
BWB-id
BWBR0050942
Versie
2025-04-15_0
SHA-256 bron
71bd802ebeecb43985addb224084a24511d512d0b08c91e9988b7c4838957e4d

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (21)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6
  7. Artikel 7
  8. Artikel 8
  9. Artikel 9
  10. Artikel 10
  11. Artikel 11
  12. Artikel 12
  13. Artikel 13
  14. Artikel 14
  15. Artikel 15
  16. Artikel 16
  17. Artikel 17
  18. Artikel 18
  19. Bijlage 1 — behorend bij artikel 12, tweede lid van de Regeling mobiele eenheid politie 2025
  20. Bijlage 2 — behorend bij artikel 12, derde lid van de Regeling mobiele eenheid politie 2025
  21. Bijlage 3 — behorend bij artikel 12, vierde lid van de Regeling mobiele eenheid politie 2025

Paragraaf 1 — Organisatie

Artikel 1

1 De organisatie van de mobiele eenheid bestaat uit basiseenheden, watergetrainde eenheden en specialistische eenheden.

2 Een lid van een basiseenheid of een specialistische eenheid kan niet tevens lid zijn van een andere basiseenheid of een specialistische eenheid.

Paragraaf 1 — Organisatie

Artikel 2

1 Basiseenheden zijn organisatorisch opgebouwd uit groepen, secties, pelotons of compagnieën.

2 Een groep bestaat uit acht leden, onder wie een groepscommandant en een voor zijn taak opgeleide chauffeur.

3 Een sectie bestaat uit een sectiecommandant en drie groepen.

4 Een peloton bestaat uit een pelotonscommandant en twee secties.

5 Een compagnie bestaat uit een compagniecommandant en twee of meer pelotons.

6 Elk peloton beschikt over minimaal zes leden die bekwaam en geoefend zijn in het gebruik van traangas als bedoeld in de artikelen 4 en 13 van de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en andere opsporingsambtenaren.

7 Indien een basiseenheid, anders dan in een groep, optreedt, dan heeft die de beschikking over een chauffeur voor het commandovoertuig en over één of meer verbindingsspecialisten.

Paragraaf 1 — Organisatie

Artikel 3

Watergetrainde eenheden bestaan uit leden van basiseenheden die tevens bekwaam zijn om op het water op te treden. Een groep bestaat uit acht leden.

Paragraaf 1 — Organisatie

Artikel 4

Specialistische eenheden zijn verkenningseenheden, eenheden beredenen, eenheden hondengeleiders, eenheden met de waterwerper, aanhoudingseenheden, technische eenheden en een bewakingseenheid.

Paragraaf 1 — Organisatie

Artikel 5

Een verkenningseenheid is een groep van acht leden, onder wie een groepscommandant.

Paragraaf 1 — Organisatie

Artikel 6

Een eenheid beredenen is een groep van zes ruiters, onder wie een groepscommandant.

Paragraaf 1 — Organisatie

Artikel 7

Een eenheid hondengeleiders is een groep, bestaande uit zes leden, onder wie een groepscommandant, een voor zijn taak opgeleide chauffeur en vier hondengeleiders.

Paragraaf 1 — Organisatie

Artikel 8

Een eenheid met een waterwerper is een groep van twee kanonniers, een groepscommandant en een voor zijn taak opgeleide chauffeur.

Paragraaf 1 — Organisatie

Artikel 9

Een aanhoudingseenheid is een groep, als bedoeld in artikel 2, tweede lid.

Paragraaf 1 — Organisatie

Artikel 10

1 Een technische eenheid is een groep van acht leden, onder wie een groepscommandant en een voor zijn taak opgeleide chauffeur.

2 De leden van een technische eenheid zijn bekwaam in het toegankelijk en vrij van obstakels maken van ruimten, wegen en gebieden.

Paragraaf 1 — Organisatie

Artikel 11

1 De bewakingseenheid bestaat uit bewakingsgroepen.

2 Een bewakingsgroep bestaat uit acht leden, onder wie een groepscommandant en een voor zijn taak opgeleide chauffeur.

3 Bewakingsgroepen hebben tot taak het bewaken en beveiligen van objecten.

Paragraaf 2 — Aantallen en verdeling van de basiseenheden, watergetrainde eenheden en specialistische eenheden

Artikel 12

1 De organisatie van de mobiele eenheid bestaat in totaal uit:

a. 42 pelotons basiseenheden;

b. 3 watergetrainde eenheden;

c. 26 groepen verkenningseenheden;

d. 14 groepen eenheden beredenen;

e. 26 groepen eenheden hondengeleiders;

f. 12 groepen eenheden met een waterwerper;

g. 37 groepen aanhoudingseenheden;

h. 16 groepen technische eenheden;

i. de bewakingseenheid bestaande uit 56 bewakingsgroepen.

2 De basiseenheden zijn verdeeld over de regionale eenheden en de Eenheid landelijke expertise en operaties, overeenkomstig bijlage 1 bij deze regeling.

3 De watergetrainde eenheden zijn verdeeld over de regionale eenheden en de Eenheid landelijke expertise en operaties, overeenkomstig bijlage 2 bij deze regeling.

4 De specialistische eenheden, bedoeld in het eerste lid, onder c tot en met i, zijn verdeeld over de regionale eenheden en de Eenheid landelijke expertise en operaties, overeenkomstig bijlage 3 bij deze regeling.

Paragraaf 3 — Paraatheidseisen

Artikel 13

1 De korpschef draagt er zorg voor dat in iedere regionale eenheid ten minste één sectie van een basiseenheid binnen anderhalf uur op de opkomstlocatie aanwezig en gereed voor inzet is.

2 De korpschef draagt er zorg voor dat 35 pelotons basiseenheden gelijktijdig kunnen worden ingezet.

Paragraaf 4 — Gezamenlijk oefenen

Artikel 14

De korpschef draagt er zorg voor dat basiseenheden, watergetrainde eenheden en specialistische eenheden minimaal 40 uur per jaar oefenen. Onderdeel van de oefening is de samenwerking met relevante andere eenheden of organisatieonderdelen.

Paragraaf 5 — Opvang, nazorg en verantwoording

Artikel 15

1 De korpschef draagt er zorg voor dat binnen elke regionale eenheid en de Eenheid landelijke expertise en operaties voldoende opvang en nazorg wordt aangeboden aan de ingezette leden tijdens en na een optreden van een mobiele eenheid.

2 Op verzoek van het gezag maakt de korpschef een rapport op van een grootschalig optreden, waarbij sprake is geweest van een ernstige verstoring van de openbare orde.

Paragraaf 6 — Slotbepalingen

Artikel 16

De Regeling mobiele eenheid 2007 wordt ingetrokken.

Paragraaf 6 — Slotbepalingen

Artikel 17

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Paragraaf 6 — Slotbepalingen

Artikel 18

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling mobiele eenheid politie 2025.

Bijlage 1 — behorend bij artikel 12, tweede lid van de Regeling mobiele eenheid politie 2025

Bijlage 1 — behorend bij artikel 12, tweede lid van de Regeling mobiele eenheid politie 2025

Basiseenheden

Eenheid | Aantal pelotons basiseenheden

Noord-Nederland | 4

Oost-Nederland | 5

Noord-Holland | 3

Amsterdam | 5

Midden-Nederland | 4

Den Haag | 6

Rotterdam | 6

Zeeland-West-Brabant | 3

Oost-Brabant | 3

Limburg | 2

Eenheid landelijke expertise en operaties | 1

Bijlage 2 — behorend bij artikel 12, derde lid van de Regeling mobiele eenheid politie 2025

Bijlage 2 — behorend bij artikel 12, derde lid van de Regeling mobiele eenheid politie 2025

Watergetrainde eenheden

Eenheid | Aantallen watergetrainde eenheden

Noord-Nederland | 1 sectie

Rotterdam | 1 peloton

Zeeland- West-Brabant | 1 sectie

Eenheid landelijke expertise en operaties | 1 peloton

Bijlage 3 — behorend bij artikel 12, vierde lid van de Regeling mobiele eenheid politie 2025

Bijlage 3 — behorend bij artikel 12, vierde lid van de Regeling mobiele eenheid politie 2025

Specialistische eenheden

Eenheid | Verkenningseenheid | Eenheid Beredenen | Eenheid hondengeleiders | Eenheid met de waterwerper | Aanhoudingseenheid | Technische eenheid | Bewakingsgroep

Noord-Nederland | 2 | – | 2 | – | 4 | 2 | 5

Oost-Nederland | 2 | – | 3 | – | 6 | – | 8

Noord-Holland | 2 | – | 2 | – | 2 | – | 4

Amsterdam | 5 | – | 4 | 4 | 6 | 6 | 6

Midden-Nederland | 2 | – | 3 | – | 4 | 1 | 6

Den Haag | 4 | – | 3 | 4 | 4 | 4 | 7

Rotterdam | 4 | – | 5 | 4 | 5 | 3 | 7

Zeeland-West-Brabant | 1 | – | 1 | – | 2 | – | 5

Oost-Brabant | 2 | – | 2 | – | 2 | – | 4

Limburg | 1 | – | 1 | – | 2 | – | 4

Eenheid landelijke expertise en operaties | 1 | 14 | – | – | – | – | –