wetzoeker

Artikel 3.1.10 Besluit bemanning zeeschepen

Algemene bepalingen

1 Voor de erkenning van een vaarbevoegdheidsbewijs als kapitein of schipper op grond van artikel 27, eerste lid, van de wet legt de aanvrager het bekwaamheidsbewijs wetgeving en openbaar gezag over.

2 Zeevarenden in het bezit van een vaarbevoegdheidsbewijs voor de functie van eerste stuurman, plaatsvervangend schipper, hoofdwerktuigkundige, tweede werktuigkundige of eerste maritiem officier dat erkend is op grond van artikel 27, eerste lid, van de wet, nemen voor aanvang van hun dienst aan boord kennis van de voor het in het eerste lid genoemde bekwaamheidsbewijs van belang zijnde maritieme regelgeving. Van deze kennisneming wordt schriftelijk bewijs vastgelegd.

3 Bij ministeriële regeling worden de beroepseisen vastgesteld voor de verkrijging van het in het eerste lid genoemde bekwaamheidsbewijs.

Regeling
Besluit bemanning zeeschepen
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-07-2025
BWB-id
BWBR0050941
Versie
2025-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl