wetzoeker

2.2.2 — Inzicht in de individuele ontwikkeling Regeling beoordelingskader voor de toetsen behorende tot leerling- en onderwijsvolgsystemen PO BES

Inzicht in de individuele ontwikkeling

Deze paragraaf beschrijft de kwaliteitseisen betreffende het inzicht in de individuele ontwikkeling, met specifieke aandacht voor de kwaliteitseisen signaleringsfunctie en/of volgaspect.

Code | Vragen | Mogelijke antwoorden

O.II.1 | Stelt het instrument voor iedere leerling een rapport samen met daarin een gedegen en compleet overzicht van de in ieder geval vaker dan één keer door de leerkracht geregistreerde observaties? | ja/nee

O.II.2 | Bevat het individuele rapport per leerling per registratiemoment de bij diens door de leerkracht geobserveerde indicatoren? | ja/nee/n.v.t.

O.II.3 | Bevat het individuele rapport een gedegen en complete toelichting over hoe de geregistreerde indicatoren geïnterpreteerd dienen te worden, zodat leerkrachten de ontwikkeling van de leerling volledig en duidelijk kunnen begrijpen. | ja/nee/n.v.t.

O.II.4 | Biedt de aanbieder een gedegen en complete toelichting over hoe de geregistreerde indicatoren geïnterpreteerd dienen te worden, zodat leerkrachten de ontwikkeling van de leerling op een begrijpelijke en toegankelijke manier kunnen uitleggen aan ouders, verzorgers en voogden? | ja/nee/n.v.t.

O.II.5 | Biedt de informatie in het individuele rapport een eenduidige en gedegen basis voor de leerkracht om de ontwikkeling van de leerling te evalueren en, waar nodig, op basis daarvan vervolgstappen te formuleren? | ja/nee

Toelichting O.II.1:

Er is bij een volgaspect altijd sprake van een aantal (twee of meer) verschillende observatiemomenten op hetzelfde construct; de afnamemomenten kunnen daarbij vast of variabel zijn.

Toelichting O.II.2:

Indien de ontwikkelingsdoelen in het instrument zijn verbijzonderd in inhoudelijk bijpassende indicatoren van observeerbare (gedrags-)kenmerken, bevat het rapport per leerling per registratiemoment de wel (en nog niet of niet langer) bij hem of haar door de leerkracht geobserveerde indicatoren van de verbijzonderde ontwikkelingsdoelen. Het betreft hier een neutrale registratie van de observatie, zonder waardeoordeel. Zo geeft het rapport een overzichtelijk beeld van de individuele ontwikkeling in de tijd zowel op de verschillende ontwikkelingsdoelen afzonderlijk als in samenhang met elkaar voor wat betreft de ontwikkelingsdoelen per construct, waarbij geen sprake is van een relatieve normering van de individuele leerling. Het rapport maakt het op deze manier voor de leerkracht mogelijk om observaties van een leerling op verschillende momenten en in verschillende situaties met elkaar te kunnen vergelijken. Daarmee heeft het instrument tevens een signaleringsfunctie in de zin dat het instrument de eigen ontwikkeling van de individuele leerling weergeeft.

Toelichting O.II.3:

Indien de ontwikkelingsdoelen in het instrument zijn verbijzonderd in inhoudelijk bijpassende indicatoren van observeerbare (gedrags)kenmerken, bevat het individuele rapport een toelichting over hoe de geregistreerde indicatoren geïnterpreteerd dienen te worden, waarmee het instrument begrijpelijke handvatten geeft voor de interpretatie van het verloop van de ontwikkeling (groei en/of stagnatie) van de individuele leerling door de leerkrachten.

Toelichting O.II.4:

Een aanbieder hoeft de resultaten niet per se via een leerlingrapportage beschikbaar en helder te maken voor ouders. Een aanbieder moet een leerlingrapportage zo insteken dat leerkrachten ouders goed en volledig kunnen informeren, een zogenoemde informatieplicht. Informatie gericht op ouders kan ook op een andere wijze beschikbaar gesteld worden (bijvoorbeeld via een ouderbrochure of een website).

Toelichting O.II.5:

De informatie in het individuele rapport dient dusdanig concreet en gedetailleerd te zijn, dat het duidelijk is welk verloop in de ontwikkeling van de (jonge) leerling aandacht verdient. Het ondersteunt de leerkracht in het zelfstandig en professioneel formuleren van passende vervolgstappen in lijn met de door de aanbieder van het instrument geoperationaliseerde en bij de visie passende ontwikkelingsdoelen en eventuele tussentijdse mijlpalen.

Regeling
Regeling beoordelingskader voor de toetsen behorende tot leerling- en onderwijsvolgsystemen PO BES
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
01-08-2025
BWB-id
BWBR0050938
Versie
2025-08-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl