wetzoeker

3.1 — Reikwijdte van de vrijstelling Besluit onderwijsvrijstelling omzetbelasting

Reikwijdte van de vrijstelling

Toepassing van de onderwijsvrijstelling komt enkel aan de orde als onderwijs wordt verzorgd tegen vergoeding en als ondernemer. Ingevolge het arrest van de Hoge Raad van 19 juni 2020 is ook het tegen vergoeding verzorgen van onderwijs door openbare onderwijsinstellingen niet aan te merken als het handelen als overheid maar als het handelen als ondernemer.

2 HR 19 juni 2020, r.o. 3.2.3. en 3.2.4., ECLI:NL:HR:2020:1070.

Onderwijs dat door een onderwijsinstelling wordt verzorgd zonder dat daartegenover een rechtstreekse, wederzijds afhankelijke vergoeding staat, vormt in beginsel een niet-economische activiteit die buiten de heffing van btw valt. Als die niet-economische activiteit bestaat uit het verzorgen van onderwijs als bedoeld in artikel 11, eerste lid, onderdeel o, 1°, van de wet, wordt zij voor de toepassing van dit besluit op gelijke voet behandeld met onderwijsinstellingen die wel tegen vergoeding en als ondernemer dat onderwijs verzorgen, voor zover het betreft de onderdelen over:

– de nauw met het vrijgestelde onderwijs samenhangende leveringen en diensten (onderdeel 5);

– algemeen vormend onderwijs (onderdeel 7);

– de zelfstandig werkende docent (onderdeel 8);

– taalonderwijs (onderdeel 9);

– onderwijs in muziek, dans, drama en beeldende vorming aan personen jonger dan 21 jaar (onderdeel 10);

– de naschoolse lesprogramma’s (onderdeel 11);

– de goedkeuring inzake huiswerk- en studiebegeleiding (onderdeel 12.1);

– de goedkeuring inzake remedial teaching (onderdeel 12.2).

Regeling
Besluit onderwijsvrijstelling omzetbelasting
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
12-02-2025
BWB-id
BWBR0050769
Versie
2025-02-12_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl