wetzoeker

11.2.1 — Drempelcriteria met betrekking tot aanvragende organisaties: Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Mine Action en Clustermunitie Programma III 2025–2030)

Drempelcriteria met betrekking tot aanvragende organisaties:

D.1 De aanvrager dient de aanvraag in als zelfstandige aanvrager.

D.2 De aanvrager is een zelfstandige internationaal opererende maatschappelijke organisatie die gespecialiseerd is in mine action.

D.3 De aanvrager heeft in de periode 2020 t/m 2024 een aantoonbaar track record (zie Annex 4 bij dit subsdiebeleidskader) in mine action en/of capaciteitsversterking nationale mine action autoriteiten (minimaal 5 jaar).

D.4 Gedurende de periode 2021–2023 was gemiddeld ten minste 25% van de totale jaarlijkse inkomsten van de aanvrager afkomstig uit bronnen anders dan directe of indirecte subsidies en/of bijdragen van het Nederlandse Ministerie van Buitenlandse Zaken (inclusief ambassades).

D.5

a) De bezoldiging van de individuele leden van management en bestuur van statutair in Nederland of overige EU-lidstaten gevestigde aanvragers bedraagt, uiterlijk met ingang van het tijdvak waarvoor subsidie wordt gevraagd, per kalenderjaar ten hoogste EUR 226.000 (bruto).

Voor aanvragers statutair gevestigd in een EU-lidstaat die niet is aangesloten bij de euro geldt dat omrekening van de lokale valuta naar de euro geschiedt op grond van de actuele corporate rates (zie Annex 2) die door het Ministerie worden gehanteerd.

b) De bezoldiging van de individuele leden van management en bestuur van statutair in het Verenigd Koninkrijk, Noorwegen, Zwitserland, Japan, VS of Canada gevestigde aanvragers bedraagt, uiterlijk met ingang van het tijdvak waarvoor subsidie wordt gevraagd, per kalenderjaar ten hoogste (bruto):

• Verenigd Koninkrijk: GPB 245.536;

• Noorwegen: NOK 3.323.529;

• Zwitserland: CHF 371.194;

• Japan: YEN 37.569.305;

• VS/Canada: USD 348.469.

c) De bezoldiging van de individuele leden van management en bestuur van statutair in overige landen gevestigde aanvragers bedraagt, uiterlijk met ingang van het tijdvak waarvoor subsidie wordt gevraagd, per kalenderjaar ten hoogste het bedrag (bruto) dat voor het land van statutaire vestiging is vermeld in Annex 3 bij dit subsidiebeleidskader.

D.6 De aanvrager toont aan dat deze een integriteitsbeleid heeft vastgesteld en procedures heeft geïntroduceerd om aan dit beleid toepassing te kunnen geven. Het screenen van personeel bij werving vormt onderdeel van dit integriteitsbeleid en de procedures om er toepassing aan te kunnen geven. Dit integriteitsbeleid en deze procedures dienen erop gericht te zijn om ernstige vormen van ongepast gedrag, daaronder begrepen seksuele misstanden en racisme, jegens medewerkers en andere betrokkenen tijdens de uitvoering van de voorgestelde activiteiten waarop de aanvraag betrekking heeft door de aanvrager en andere partijen die zij bij de activiteiten betrekken, zoveel mogelijk te voorkomen en in voorkomend geval te onderzoeken, met passende maatregelen zo spoedig mogelijk te doen beëindigen en de gevolgen daarvan te mitigeren. Deze procedures moeten zodanig zijn ingericht dat een tijdige melding van incidenten aan de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp is gewaarborgd.

D.7 De aanvrager is in staat tot een adequaat financieel beheer en kan door ervaringsdeskundigheid met betrekking tot de activiteiten als die waarvoor subsidie wordt gevraagd een doelgerichte en doelmatige uitvoering van de activiteiten waarborgen.

D.8 De aanvrager heeft nog niet eerder een aanvraag ingediend in het kader van het subsidieprogramma Mine Action and Cluster Munitie III 2025–2030.

Regeling
Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Mine Action en Clustermunitie Programma III 2025–2030)
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-01-2025
BWB-id
BWBR0050647
Versie
2025-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl