wetzoeker

Artikel 7 Regeling specifieke uitkering flexibele inzet ondersteuning woningbouw (derde tranche)

1 Gedeputeerde staten verstrekken uiterlijk 1 april 2025 informatie over de verwachte inzet van de middelen middels het daartoe door de minister beschikbaar gestelde formulier.

2 De informatie, bedoeld in het eerste lid, bevat ten minste:

a. een omschrijving van de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering naar verwachting wordt ingezet, waarbij wordt aangegeven wat de ingeschatte verhouding van de inzet van de middelen is tussen de woningbouwprojecten, herstructureringsprojecten, woonzorgvisies en vakantieparken waarbij wordt aangegeven wat de ingeschatte verhouding van de inzet van de aangevraagde middelen is met de inzet van de middelen door de gemeentelijke of provinciale organisatie; en

b. de verwachte begin- en einddatum van de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering naar verwachting wordt ingezet.

Regeling
Regeling specifieke uitkering flexibele inzet ondersteuning woningbouw (derde tranche)
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
30-11-2024
BWB-id
BWBR0050481
Versie
2024-11-30_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl