wetzoeker

Artikel 8 Regeling provinciale gebiedsgerichte beëindiging veehouderijlocaties

1 De specifieke uitkering kan door de provincie worden aangewend indien in het in artikel 4, eerste lid, bedoelde provinciale subsidie-instrument de volgende voorwaarden zijn verbonden aan een veehouderijlocatie:

a. de veehouderijlocatie ligt op het grondgebied van de provincie;

b. de vermindering van de stikstofemissie van de veehouderijlocatie die met de volledige of gedeeltelijke sluiting wordt gerealiseerd, bedraagt meer dan de in artikel 2, eerste lid, vermelde drempelwaarde;

c. de veehouderijlocatie ligt binnen een of meer van de in artikel 3, eerste lid, genoemde gebieden, en indien van toepassing, binnen de nadere provinciale afbakening, bedoeld in artikel 9.

2 In aanvulling op het eerste lid bevat het provinciale subsidie-instrument de volgende voorwaarden:

a. een veehouder die artikel 19, eerste lid, artikel 20, eerste lid, of artikel 21b, eerste lid, van de Meststoffenwet heeft overtreden komt niet in aanmerking voor steun; en

b. een veehouder wiens veehouderijonderneming niet voldoet aan de in artikel 2, eerste lid, van bijlage I bij verordening 2022/2472 vastgestelde criteria komt niet in aanmerking voor steun.

Regeling
Regeling provinciale gebiedsgerichte beëindiging veehouderijlocaties
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
27-11-2024
BWB-id
BWBR0050465
Versie
2024-11-27_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl