wetzoeker

Artikel 3.11 Landelijke verplaatsingsregeling veehouderijen met piekbelasting

Bedrijfsverplaatsing

1 De in artikel 3.6, eerste lid, onderdeel g, bedoelde bijdrage bedraagt 95 procent van de subsidiabele kosten.

2 Het maximum subsidiebedrag per aanvrager bedraagt € 25.000 per subsidieaanvrager.

3 Als subsidiabele kosten komen de volgende kosten derden in aanmerking:

a. kosten voor de makelaar, de accountant, de bedrijfsadviseur en de financiële instelling in verband met het verplaatsen naar een hervestigingslocatie;

b. kosten van een door een taxateur uitgevoerde taxatie naar de marktwaarde van de hervestigingslocatie;

c. kosten voor de architect die is ingeschreven in het register als bedoeld in artikel 2 van de Wet op de architectentitel, en de bouwkundige of bouwkundig inspecteur.

4 De subsidie voor de in het eerste lid genoemde kosten voor de inhuur van deskundigen en gelijkwaardige dienstverleners ter uitvoering van de bedrijfsverplaatsing wordt uitsluitend verstrekt, indien de dienst:

a. wordt uitgevoerd door een onafhankelijke, gediplomeerde deskundige, die is ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel of een ander handelsregister dat is gebaseerd op Richtlijn (EU) 2017/1132 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2017 aangaande bepaalde aspecten van het vennootschapsrecht (PbEU 2017, L 269), en over aantoonbare kennis beschikt over het onderwerp waarop de dienst betrekking heeft;

b. een eenmalig karakter heeft en enkel betrekking heeft op de bedrijfsverplaatsing; en

c. niet behoort tot de gewone bedrijfsuitgaven van de veehouderijonderneming.

Regeling
Landelijke verplaatsingsregeling veehouderijen met piekbelasting
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-07-2025
BWB-id
BWBR0050183
Versie
2025-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl