4.3 — Wie kunnen in aanmerking komen voor een subsidie Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond Subsidieprogramma Verantwoord Ondernemen
Wie kunnen in aanmerking komen voor een subsidie
Subsidies in het kader van het subsidieprogramma zijn bedoeld voor samenwerkingsverbanden, namens welke een penvoerder subsidie voor een project aanvraagt.
Het samenwerkingsverband moet bestaan uit in elk geval:
− één onderneming;
− één lokale onderneming (dit kan ook een coöperatie zijn);
− één lokale maatschappelijke organisatie of maatschappelijke organisatie met voldoende kennis van de lokale context en met een lokaal netwerk. Indien het bij de aanvraag van de subsidie niet is gelukt om een lokale maatschappelijke organisatie of maatschappelijke organisatie met voldoende kennis van de lokale context te betrekken, dan moet dit alsnog in de loop van fase A gebeuren
12 In de subsidieverleningsbeschikking zal in dat geval een daartoe strekkende verplichting worden opgenomen.
. In dat geval moet het samenwerkingsverband in ieder geval wel bestaan uit één maatschappelijke organisatie bij de aanvraag van de subsidie.
− De partners in het samenwerkingsverband moeten voldoen aan de volgende eisen:
− Elke partner in het samenwerkingsverband moet beschikken over rechtspersoonlijkheid.
− Er dient een evenwichtige verhouding te bestaan tussen het aantal ondernemingen en het aantal maatschappelijke organisaties die deel uitmaken van het samenwerkingsverband.
− Alle partners moeten noodzakelijk zijn voor het behalen van de doelstelling van het project waarvoor subsidie wordt aangevraagd.
− De partners maken deel uit van dezelfde keten; dat betekent dat bijvoorbeeld ondernemingen die in hoofdzaak adviesdiensten verrichten geen deel uit kunnen maken van een samenwerkingsverband, maar wel als een externe derde betrokken kunnen worden.
− Minimaal één onderneming voert substantiële activiteiten in Nederland uit, gericht op de keten waarvoor subsidie wordt aangevraagd.
− De partners hebben een vermoeden van het aanwezig zijn van sociale risico’s of misstanden in hun productieketen, zoals te lage lonen/inkomsten, slechte arbeidsomstandigheden of kinderarbeid.
– De ondernemingen in het samenwerkingsverband, uitgezonderd lokale ondernemingen in het doelland, mogen niet eerder op grond van dit subsidieprogramma of op grond van het subsidieprogramma Social Sustainability Fund een subsidie hebben ontvangen.
De rol van penvoerder wordt vervuld door een onderneming die deel uitmaakt van de desbetreffende keten of een maatschappelijke organisatie, in beide gevallen met:
− een statutaire zetel in Nederland, of
− een statutaire zetel in het buitenland en een vestiging of vaste inrichting in Nederland.
De partners van het samenwerkingsverband moeten een integriteitsbeleid hebben vastgesteld. De partners moeten tevens procedures hebben ingevoerd om aan dat beleid invulling te kunnen geven binnen de eigen organisatie. Dit integriteitsbeleid en deze procedures zijn er om ernstige vormen van grensoverschrijdend gedrag, daaronder begrepen seksuele misdragingen, jegens medewerkers en derden bij de uitvoering van de activiteiten waarop de aanvraag betrekking heeft, door de partners en de door hen ingeschakelde partijen, zo veel mogelijk te voorkomen, in voorkomend geval te onderzoeken, met passende maatregelen zo spoedig mogelijk te doen beëindigen en de gevolgen daarvan te mitigeren. De procedures zijn zodanig ingericht dat een tijdige melding van incidenten aan RVO is gewaarborgd.
- Regeling
- Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond Subsidieprogramma Verantwoord Ondernemen
- Soort
- Ministeriële regeling
- Geldend vanaf
- 12-07-2025
- BWB-id
- BWBR0050119
- Versie
- 2025-07-12_0