wetzoeker

Bijlage — Rekenvoorbeelden Beleidsregel financiële nood als gevolg van de wateroverlast in juli 2021

Rekenvoorbeelden

De onderstaande rekenvoorbeelden zijn fictief en uitsluitend bedoeld om de rekenmethodiek toe te lichten. Er is niet beoogd om een uitputtend beeld te schetsen van mogelijke situaties.

I. Berekening financiële middelen op peildatum

1 | 2 | 3 | 4

Alleenstaande | Alleenstaande | Alleenstaande | Fiscale partners

(A) Banksaldi | € 18.000 | € 5.000 | negatief € 500 | negatief € 5.000

(B) (bedrag kleiner of gelijk aan) Vermogensgrens | € 7.605 | € 5.000 | nvt | nvt

Banksaldi na toets vermogensgrens | € 10.395 | € 0 | negatief € 500 | negatief € 5.000

(C) Schulden en nog te betalen facturen | € 1.000 | € 20.500 | € 500 | € 45.000

Financiële middelen op peildatum | positief € 9.395 | negatief € 20.500 | negatief € 1.000 | negatief € 50.000

Toelichting

Bij het bepalen van de financiële middelen wordt eerst gekeken naar de banksaldi op de peildatum. Indien de aanvrager een fiscale partner in het kader van de belastingwetgeving heeft, worden bij de berekening van de financiële middelen de banksaldi en de eventuele schulden van beide partners betrokken maar de financiële verstrekking wordt aan de aanvrager gedaan. Als de banksaldi positief zijn, wordt het afgezet tegen de relevante vermogensgrens. In 2023 was de vermogensgrens voor een alleenstaande € 7.605 en voor een alleenstaande ouder of gezamenlijke huishouding (als bedoeld in artikel 3, derde lid, van de Participatiewet) € 15.210.

De banksaldi tot maximaal het bedrag van de relevante vermogensgrens worden buiten beschouwing gelaten bij de berekening (zie kolommen 1 en 2). Zijn de banksaldi negatief dan speelt de vermogensgrens geen rol (zie kolommen 3 en 4); negatieve banksaldi worden immers niet aangevuld.

Op de aldus berekende banksaldi worden de schulden en de op peildatum nog te betalen facturen in mindering gebracht. Het bedrag dat vervolgens resteert is het bedrag aan financiële middelen op de peildatum.

II. Berekening verstrekking dubbele woonlasten

1 | 2 | 3 | 4

Alleenstaande | Alleenstaande | Alleenstaande | Fiscale partners

Financiële middelen op peildatum | € 9.395 | negatief € 20.500 | negatief € 1.000 | negatief € 50.000

Dubbele woonlasten – Reeds betaalde termijnen – Toekomstige dubbele woonlaten | € 3.000 € 4.000 | € 3.000 € 4.000 | € 3.000 € 4.000 | € 3.000 € 4.000

Verstrekking dubbele woonlasten | € 0 | € 7.000 | € 5.000 | € 7.000

Financiële middelen na berekening dubbele woonlasten | € 5.395 | negatief € 17.500 | € 0 | negatief € 47.000

Toelichting

Betalingen voor dubbele woonlasten die zijn verricht vóór de peildatum gelden als ‘Reeds betaalde termijnen’; betalingen na de peildatum worden meegerekend als ‘Toekomstige dubbele woonlasten’. Bij het berekenen van het saldo financiële middelen na verstrekking dubbele woonlasten worden ‘Toekomstige dubbele woonlasten’ buiten beschouwing gelaten omdat deze verstrekking betrekking heeft op betalingen die de aanvrager nog in de toekomst moet doen.

Bij de berekening wordt ervan uitgegaan dat het bedrag aan financiële middelen op de peildatum is ontstaan na betaling van de dubbele woonlasten vóór de peildatum; zijn er op de peildatum negatieve financiële middelen dan is dat dus mede veroorzaakt door de ‘Reeds betaalde termijnen’.

Alleen bij negatieve financiële middelen op de peildatum wordt de aanvrager gecompenseerd voor de ‘Reeds betaalde termijnen’ en niet meer dan daadwerkelijk is betaald (zie kolommen 2 en 4). In het voorbeeld in kolom 3 wordt verondersteld dat de aanvrager door de ‘Reeds betaalde termijnen’ voor € 1.000 aan schuld heeft opgebouwd; dit bedrag en het bedrag aan ‘Toekomstige dubbele woonlasten’ (€ 4.000) komen in aanmerking voor een eenmalige verstrekking.

Voor de ‘Toekomstige dubbele woonlasten’ zijn twee situaties mogelijk:

1. Het saldo financiële middelen op peildatum is negatief: de ‘Toekomstige dubbele woonlasten’ worden volledig vergoed tot uiterlijk 31 december 2025;

2. Het saldo financiële middelen op peildatum is positief: de verstrekking is maximaal het verschil tussen het saldo financiële middelen en de ‘Toekomstige dubbele woonlasten’.

III. Berekening herstelkosten

1 | 2 | 3 | 4

Alleenstaande | Alleenstaande | Alleenstaande | Fiscale partners

Financiële middelen na berekening dubbele woonlasten | € 5.395 | negatief € 17.500 | € 0 | negatief € 47.000

Herstelkosten – Reeds betaalde herstelkosten – Nog te betalen herstelkosten | € 4.000 € 0 | € 30.000 € 0 | € 0 € 20.000 | € 0 € 35.000

Verstrekking herstelkosten | € 0 | € 17.500 | € 20.000 | € 35.000

Toelichting

Betalingen inzake herstelkosten die zijn verricht vóór de peildatum gelden als ‘Reeds betaalde herstelkosten’, betalingen na de peildatum worden meegerekend als ‘Nog te betalen herstelkosten’. Is er op de peildatum een negatief saldo financiële middelen in combinatie met ‘Reeds betaalde herstelkosten’ dan is dat negatieve saldo dus mede veroorzaakt door de reeds betaalde herstelkosten.

De alleenstaande in kolom 1 heeft als gevolg van de reeds betaalde herstelkosten geen negatieve financiële middelen; er is geen sprake van financiële nood en er is dus geen aanspraak op een verstrekking. Bij de alleenstaande in kolom 2 wordt ervan uitgegaan dat de negatieve financiële middelen mede zijn ontstaan door ‘Reeds betaalde herstelkosten’. Aangezien de negatieve financiële middelen lager zijn dan de ‘Reeds betaalde herstelkosten’ heeft de aanvrager (mogelijk al) een deel van zijn schuld afgelost en ontvangt hij het resterende deel van de ‘Reeds betaalde herstelkosten’ waarvoor de schuld is aangegaan. De alleenstaande in kolom 3 en de gezamenlijke huishouding in kolom 4 hebben onvoldoende financiële middelen en krijgen een verstrekking voor het totale bedrag aan ‘Nog te betalen herstelkosten’.

IV. Totale verstrekking

1 | 2 | 3 | 4

Alleenstaande | Alleenstaande | Alleenstaande | Fiscale partners

Verstrekking dubbele woonlasten | € 0 | € 7.000 | € 5.000 | € 7.000

Verstrekking herstelkosten | € 0 | € 17.500 | € 20.000 | € 35.000

Totale verstrekking | € 0 | € 24.500 | € 25.000 | € 42.000

Regeling
Beleidsregel financiële nood als gevolg van de wateroverlast in juli 2021
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-09-2024
BWB-id
BWBR0049967
Versie
2024-09-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl