wetzoeker

Bijlage 1 — bij de Regeling financiële ondersteuning fracties en groepen Tweede Kamer 2023 (deel 1) Regeling financiële ondersteuning fracties en groepen Tweede Kamer 2023

bij de Regeling financiële ondersteuning fracties en groepen Tweede Kamer 2023

MODELSTATUTEN

Naam en zetel

Artikel 1

1.1. De stichting draagt de naam: Stichting ter ondersteuning Tweede Kamer [fractie/groep].

1.2. Zij heeft haar zetel in de gemeente 's-Gravenhage.

Doel

Artikel 2

2.1. De stichting heeft – met inachtneming van het bepaalde in artikel 3 – ten doel:

a. het in dienst nemen van personeelsleden ter ondersteuning van de [Tweede Kamerfractie of Tweede Kamergroep] (de Fractie), zowel op het organisatorisch-, beleids- en administratief gebied. Met Tweede Kamerfractie wordt in deze statuten bedoeld een fractie als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid en tweede lid, van het Reglement van Orde van de Tweede Kamer der Staten-Generaal (Reglement van Orde). Met Tweede Kamergroep wordt in deze statuten bedoeld een groep als bedoeld in artikel 5.2 van het Reglement van Orde;

b. het verwerven van apparatuur die noodzakelijk zijn ter ondersteuning van het functioneren van de Fractie en de onder a. genoemde personeelsleden;

c. het vaststellen van salarissen en andere arbeidsvoorwaarden voor de onder a. genoemde personeelsleden; en voorts al hetgeen daarmee verband houdt of daaraan bevorderlijk kan zijn, alles in de ruimste zin van het woord.

Vermogen

Artikel 3

3.1. Het vermogen van de stichting wordt gevormd door:

a. bijdragen van de Staat, waaronder de bijdrage, bedoeld in artikel 1 van de Regeling financiële ondersteuning fracties en groepen Tweede Kamer 2023 (de Regeling), welke bijdrage is bestemd ter dekking van de personele en materiële kosten van de Fractie in een kalenderjaar, met als doel het functioneren van de Fractie te bevorderen door de Fractie in staat te stellen de daarvoor naar het redelijk oordeel van het bestuur van de stichting noodzakelijke activiteiten te ontplooien, medewerkers aan te stellen en de daarmee gemoeide kosten te laten bekostigen door de stichting;

b. hetgeen wordt verkregen door erfstellingen en legaten, met dien verstande dat erfstellingen niet anders kunnen worden aanvaard dan onder het voorrecht van boedelbeschrijving;

c. andere baten, met dien verstande dat de stichting geen actieve handelingen zal verrichten dan wel activiteiten zal ontplooien die (mede) ten doel hebben haar vermogen te doen toenemen.

3.2. Het vermogen van de stichting mag niet gebruikt worden ter bekostiging van:

a. kosten waarvoor de leden van de Fractie een vergoeding (kunnen) ontvangen ingevolge de Wet schadeloosstelling leden Tweede Kamer;

b. kosten waarvoor politieke partijen een vergoeding (kunnen) ontvangen ingevolge de Wet financiering politieke partijen;

c. betalingen aan politieke partijen, met politieke partijen verbonden instellingen anders dan een stichting, als bedoeld in artikel 1 van de Regeling, of natuurlijke personen anders dan de bestuurders of medewerkers van de stichting, met uitzondering van betalingen ter vergoeding van diensten of goederen geleverd ten behoeve van de Fractie op basis van een gespecificeerde en marktconforme declaratie; of

d. giften, met uitzondering van giften mogelijk in het kader van de Regeling.

Bestuur: samenstelling, benoeming en defungeren

Artikel 4

4.1. Het bestuur van de stichting bestaat uit een door het bestuur vast te stellen aantal van ten minste drie (3) natuurlijke personen. In ontstane vacatures wordt zo spoedig mogelijk voorzien.

4.2. Tot bestuurder kunnen slechts worden benoemd leden van de Fractie. Het Presidium, bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, van het Reglement van Orde (het Presidium), kan voor iedere afzonderlijke benoeming ontheffing verlenen van deze kwaliteitseis. Deze ontheffing wordt in elk geval verleend indien de Fractie uit minder dan drie (3) leden bestaat.

4.3. Indien het Presidium ontheffing verleent van de kwaliteitseis, bedoeld in artikel 4.2, dan geldt dat:

a. als bestuurder van de stichting niet kunnen worden benoemd de echtgeno(o)t(e), geregistreerd partner en/of bloed- en aanverwant tot en met de vierde graad van een van de bestuurders. Onder echtgenoot wordt voor de toepassing van dit artikel 4.3 onder a. ook verstaan de ongehuwde persoon waarmee een bestuurder een notarieel samenlevingscontract is aangegaan, dan wel, met wie hij staat ingeschreven op hetzelfde woonadres in de Basisregistratie Personen (BRP); en

b. een beoogd bestuurder, niet zijnde een lid van de Fractie, slechts benoemd kan worden indien hij/zij aan het Presidium een verklaring omtrent het gedrag overlegt als bedoeld in artikel 28 Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens, zonder welke verklaring de beoogd bestuurder niet kan worden benoemd.

4.4. De bestuurders worden – met inachtneming van artikel 4.2 en, voor zover toepasselijk, artikel 4.3 – benoemd door het bestuur.

4.5. Het bestuur wijst uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester aan, dan wel in de plaats van de beide laatsten een secretaris-penningmeester.

4.6. Bestuurders worden benoemd voor de tijd van ten hoogste vier (4) jaren en treden af volgens een door het bestuur vast te stellen rooster van aftreden; een volgens het rooster aftredende bestuurder is onmiddellijk herbenoembaar. De in een tussentijdse vacature benoemde bestuurder neemt op het rooster van aftreden de plaats in van degene in wiens vacature hij werd benoemd.

4.7. Een bestuurder defungeert:

a. door zijn overlijden;

b. doordat hij failliet wordt verklaard, surseance van betaling aanvraagt of verzoekt om toepassing van de schuldsaneringsregeling als bedoeld in de Faillissementswet, dan wel een daaraan gelijk te stellen wettelijke regeling naar buitenlands recht die op de betreffende bestuurder van toepassing is;

c. door zijn ondercuratelestelling of doordat hij anderszins het vrije beheer over zijn vermogen verliest;

d. door zijn vrijwillig aftreden, al dan niet volgens het in artikel 4.6 bedoelde rooster;

e. door zijn ontslag, verleend door de rechtbank in de gevallen in de wet voorzien;

f. door zijn ontslag, verleend door het bestuur om gewichtige redenen;

g. doordat hij geen lid meer is van de Fractie, anders dan doordat de Fractie ophoudt te bestaan; of

h. door het niet langer voldoen aan de in artikel 4.3 onder a. gestelde kwaliteit.

4.8. De bestuurder van wie het ontslag, bedoeld in artikel 4.7 onder f., aan de orde is, dient voor het te nemen besluit tot ontslag gehoord te worden.

4.9. Een besluit tot ontslag als bedoeld in artikel 4.7 onder f. behoeft ten minste twee derden (2/3) van de uitgebrachte stemmen in een vergadering van het bestuur waarin ten minste twee derden (2/3) van de bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd is. Is in een vergadering van het bestuur niet ten minste twee derden (2/3) van de bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd, dan wordt een tweede (2e) vergadering bijeengeroepen, te houden niet eerder dan twee (2) en niet later dan vier (4) weken na de eerste (1e) vergadering, in welke tweede (2e) vergadering rechtsgeldig omtrent dit ontslag kan worden besloten met een meerderheid van ten minste twee derden (2/3) van de uitgebrachte stemmen, mits in deze vergadering ten minste de helft van de bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd is. Bij de oproeping tot de tweede (2e) vergadering moet worden vermeld dat en waarom een besluit tot dit ontslag kan worden genomen in een vergadering waarin slechts de helft van de bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd behoeft te zijn. Het bepaalde in artikel 8.4, tweede volzin, is op een besluit tot ontslag als bedoeld in artikel 4.7 onder f. niet van toepassing.

4.10. In geval van ontstentenis of belet van een of meer bestuurders, berust het bestuur tijdelijk bij de overblijvende bestuurders, met dien verstande dat indien er slechts twee (2) bestuurders in functie zijn het bestuur niet bevoegd is tot het nemen van een besluit tot ontslag als bedoeld in artikel 4.7 onder f. In geval van ontstentenis of belet van alle bestuurders of de enig bestuurder, berust het bestuur tijdelijk bij een of meer door het Presidium – voor zover mogelijk in overleg met de Fractie – aan te wijzen personen.

Regeling
Regeling financiële ondersteuning fracties en groepen Tweede Kamer 2023
Soort
Reglement
Geldend vanaf
01-07-2024
BWB-id
BWBR0049921
Versie
2024-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl