wetzoeker

Bekostigingsregeling Landelijke Vreemdelingen Voorziening 2024

Regeling van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van 24 juni 2024, nr. 5477829, houdende een eenmalige specifieke uitkering voor de gemeenten met een Landelijke Vreemdelingen Voorziening in verband met de bekostiging

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
03-07-2024
Rechtsgebied
Staats- en bestuursrecht, Staatsrecht
Ministerie
Justitie en Veiligheid
BWB-id
BWBR0049911
Versie
2024-07-03_0
SHA-256 bron
7aa1bbd46d5742190bcbca23d10825f0eb4771fd2f04d3bce429c0ff2849e523

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (9)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6
  7. Artikel 7
  8. Artikel 8
  9. Artikel 9

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. Staatssecretaris: de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid;

b. LVV: Landelijke Vreemdelingen Voorziening, een begeleidings- en onderdakvoorziening die tot doel heeft bestendige oplossingen te vinden voor vreemdelingen zonder recht op verblijf of rijksopvang;

c. gemeenten: de gemeenten waar op grond van een convenant een LVV is gerealiseerd, te weten Amsterdam, Eindhoven, Groningen, Rotterdam en Utrecht.

Artikel 2

De Staatssecretaris verstrekt een eenmalige specifieke uitkering aan een gemeente ten behoeve van de bekostiging van de LVV over 2024.

Artikel 3

De hoogte van de specifieke uitkering, bedoeld in artikel 2, is als volgt:

a. Amsterdam: € 11.242.000;

b. Eindhoven: € 4.059.611;

c. Groningen: € 9.368.333;

d. Rotterdam: € 1.405.250;

e. Utrecht: € 7.338.528.

Artikel 4

Uiterlijk op 31 december 2024 wordt aan de gemeenten een voorschot betaald van 100% van de specifieke uitkering.

Artikel 5

De gemeenten besteden de specifieke uitkering gedurende de periode van 1 januari 2024 tot en met 31 december 2025 aan de bekostiging van een LVV en aan de beëindiging van het LVV-programma.

Artikel 6

1 De gemeenten nemen de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie in acht bij de besteding van de specifieke uitkering.

2 Nadat de Staatssecretaris de verantwoordingsinformatie, bedoeld in artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet, van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft ontvangen, stelt de Staatssecretaris de uitkering binnen 22 weken overeenkomstig de verlening vast.

Artikel 7

De uitkering kan worden teruggevorderd voor het deel dat blijkens de verantwoordingsinformatie niet of niet rechtmatig is uitgegeven. Onverschuldigd betaalde uitkeringsbedragen en voorschotten kunnen worden teruggevorderd, voor zover na de dag waarop de beschikking waarbij de uitkering wordt vastgesteld is bekendgemaakt, nog geen vijf jaren zijn verstreken.

Artikel 8

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2024.

Artikel 9

Deze regeling wordt aangehaald als: Bekostigingsregeling Landelijke Vreemdelingen Voorziening 2024.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.