wetzoeker

Taalafspraken Subsidieregeling ondersteuning werkgevers inzet statushouders

Een statushouder kan verplichte inburgering moeten volgen of heeft dit al gedaan. Een onderdeel hiervan is taalonderwijs. Dit taalonderwijs is niet gericht op de sector en de functie van de statushouder. De statushouder mist dan meestal ook de vaktaal, dat zijn Nederlandse woorden die specifiek voor die functie gebruikt worden. De werkgever kan hem hierbij helpen. Bepaal welke woorden, begrippen en vakjargon iemand eerst moet kennen om de taken te kunnen uitvoeren. Stel op basis hiervan een programma op hoe deze woorden kunnen worden bijgebracht aan statushouders gebruiken. Er zijn verschillende vormen om uw taalprogramma vorm te geven: 1. Creëer een map met foto’s en het bijbehorende Nederlandse woord. 2. Creëer een e-module. 3. Maak foto’s in WhatsApp en spreek daarna het woord in met een geluidsopname 4. Ook zijn er apps beschikbaar waarin woorden die nodig zijn om een bepaald beroep uit te voeren worden verbonden met foto’s. 5. Zet taalbuddy’s in.

Vraag 8a | Uit welke onderdelen bestaat uw plan om de statushouder de Nederlandse woorden en vakjargon bij te brengen die nodig zijn om de functie uit te kunnen voeren? (1 punt)

Antwoord

Vraag 8b | Geef voor elk van deze onderdelen aan hoe u hier invulling aan geeft. (1 punt)

Antwoord

Vraag 9a | Hoe houdt uw organisatie in de begeleiding rekening met een eventuele taalachterstand van de statushouder? (1 punt)

Antwoord

Vraag 9b | Licht deze activiteiten concreet toe. (1 punt)

Antwoord

Regeling
Subsidieregeling ondersteuning werkgevers inzet statushouders
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
06-03-2026
BWB-id
BWBR0049897
Versie
2026-03-06_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl