wetzoeker

4.3 — Secundaire victimisatie 4 Deze normen volgen uit richtlijn 2012/29/EU van het Europese Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van minimumnormen voor de rechten, de ondersteuning en de bescherming van slachtoffers van strafbare feiten, en ter vervanging van Kaderbesluit 2001/220/JBZ http://eur-lex.europa.eu/LexUriServ/LexUriServ.do?uri=OJ:L:2012:315:0057:0073:NL:PDF. Aanwijzing seksuele misdrijven

Secundaire victimisatie 4 Deze normen volgen uit richtlijn 2012/29/EU van het Europese Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van minimumnormen voor de rechten, de ondersteuning en de bescherming van slachtoffers van strafbare feiten, en ter vervanging van Kaderbesluit 2001/220/JBZ http://eur-lex.europa.eu/LexUriServ/LexUriServ.do?uri=OJ:L:2012:315:0057:0073:NL:PDF.

De kans op het ontstaan of sterker worden van secundaire victimisatie bij een slachtoffer wordt onder meer verminderd als door betrokken instanties voorspelbaar wordt gehandeld en het slachtoffer controle heeft over wat er gebeurt. De officier van justitie handelt waar mogelijk met inachtneming van dit gegeven. Het slachtoffergesprek is hiervoor een bruikbaar instrument, waarbij geldt dat dit gesprek op elk moment waarop dat kan bijdragen aan voorspelbaarheid en het gevoel van controle bij het slachtoffer, kan worden gevoerd.

Wanneer in een strafzaak het horen van het slachtoffer als getuige aan de orde komt, zal een belangenafweging moeten worden gemaakt tussen de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, de veiligheid en gezondheid van het slachtoffer en de rechten van de verdachte binnen het strafrecht. Het is in het belang van het slachtoffer dat ondervragingen zonder onnodige vertragingen plaatsvinden, dat het aantal ondervragingen beperkt blijft en dat wordt vermeden dat ondervragingen worden herhaald. Daarnaast dient vermeden te worden dat visueel contact plaatsvindt tussen slachtoffer en verdachte, dat het slachtoffer als getuige moet optreden tijdens een openbare zitting en dat nodeloos vragen over het privéleven of de persoon van het slachtoffer worden gesteld.

Met betrekking tot het horen van het slachtoffer kan de officier van justitie voorstellen dat dit plaatsvindt bij de rechter-commissaris in plaats van ter zitting. Een andere mogelijkheid is het buiten terechtzitting afspelen van de geluidsopname die is gemaakt van de belastende verklaring die het slachtoffer tegenover de politie heeft afgelegd.

Regeling
Aanwijzing seksuele misdrijven
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-07-2024
BWB-id
BWBR0049896
Versie
2024-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl