wetzoeker

2.3 — Illegaal gebruik van overige frequenties Aanwijzing handhaving Telecommunicatiewet (hoofdstukken 3 en 10)

Illegaal gebruik van overige frequenties

Illegaal gebruik van deze frequenties veroorzaakt veelal overlast en hinder. Het gaat hierbij om het gebruik van bijvoorbeeld een marifoon of portofoon voor maritieme radiocommunicatie, waarvoor een registratie vereist is op grond van de Regeling gebruik frequentieruimte met meldingsplicht 2015, maar niet is verleend. Het kan ook gaan om radioapparaten voor gebruik door radiozendamateurs

8 Radiozendamateurs kunnen op basis van een examen een registratie van de RDI verkrijgen.

waarvoor een registratie op grond van genoemde Regeling vereist is. Tot slot kan het ook gaan om landmobiele radiocommunicatie (met gebruik van portofoons en mobilofoons) waarvoor op grond van de Tw een vergunning respectievelijk voor publieke taken een aanwijzing is vereist. Indien er zonder vergunning respectievelijk aanwijzing wordt uitgezonden, is sprake van illegaal frequentiegebruik. Als overtreding kan tevens worden aangemerkt het (moedwillig) onjuist gebruik van deze apparaten, dat kan leiden tot een gevaarlijke situatie, bijvoorbeeld een verstoring van de maritieme communicatie via een marifoon die het nood-, spoed- of veiligheidskanaal bezet houdt. Ook bij verstoring van landmobiele communicatie kan dit ertoe leiden dat apparatuur die juist is bedoeld om bij incidenten of crisissituaties de noodcommunicatie te verzorgen, niet goed (meer) werkt. Doordat de storingen onverwachts plaatsvinden, kan bovendien de continuïteit van de bedrijfsprocessen en de veiligheid in het geding komen.

Regeling
Aanwijzing handhaving Telecommunicatiewet (hoofdstukken 3 en 10)
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-07-2024
BWB-id
BWBR0049881
Versie
2024-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl