wetzoeker

5.1.3 — Ontwikkelingsdochter; (on)aanvaardbaarheid cost-plus Vennootschapsbelasting, dividendbelasting; fiscale beleggingsinstelling; toepassing artikel 28 van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969

Ontwikkelingsdochter; (on)aanvaardbaarheid cost-plus

Projectontwikkeling is geen beleggen. Een fbi kan daarom zelf in beginsel

6 Wettelijke uitzondering geregeld in artikel 28, derde lid, onderdeel b.

niet aan projectontwikkeling doen. Het houden van aandelen in en besturen van een zogenoemde ontwikkelingsdochter is wel mogelijk, krachtens artikel 28, derde lid, onder a.

7 Met ingang van 1 januari 2025 beperkt artikel 28, derde lid, onderdeel a, de ontwikkeling van vastgoed door een ontwikkelingsdochter van de FBI ten behoeve van de FBI of met de FBI verbonden FBI’s tot het ontwikkelen van niet in Nederland gelegen onroerende zaken en rechten waaraan deze zijn onderworpen (Wet aanpassing fiscale beleggingsinstelling).

Kenmerkend voor de ontwikkeling van vastgoed door de ontwikkelingsdochter van artikel 28, derde lid, is dat het ‘lichaam in de ontwikkelingsfase substantiële zeggenschap heeft over de vormgeving van een project of als een lichaam substantieel risico loopt met betrekking tot de realisatie of de waarde van een project’

8 Kamerstukken II 2005/06, 30 689, nr. 3, p. 4.

. Deze substantiële inhoud van de werkzaamheden van een ontwikkelingsdochter brengt met zich mee dat geen sprake is van een routinematige functie, maar van een entrepreneursfunctie. Een dergelijke entrepreneursfunctie gaat gepaard met aanzienlijke en projectspecifieke unieke risico’s en de beloning ervan is niet te benchmarken door vergelijking met andere onafhankelijke partijen in de markt. Het past daarom in zijn algemeenheid niet om bij dergelijke activiteiten de zakelijke beloning te bepalen op basis van een kostengerelateerde beloning zoals de Cost-Plus methode of de Transactional Net Margin methode met een netto operationele winstmarge op de kosten als ‘profit level indicator’.

De volledige waardemutatie van het ontwikkelde vastgoed vanaf de aanvang van de planfase/initiatieffase tot de voltooiing van het project kan bij de bepaling van een zakelijke vergoeding een goede aanwijzing vormen voor de beloning van de ontwikkelingsdochter; rekening houdend met de autonome waardemutatie van het ontwikkelde vastgoed, dat wil zeggen de waardemutatie niet veroorzaakt door de ontwikkeling van het vastgoed.

Ook de bedoeling van het fbi-regime voor de ontwikkelingsdochter pleit tegen het gebruik van een kostengerelateerde beloning. De wetsgeschiedenis toont uitdrukkelijk dat de wetgever beoogt de volledige projectontwikkelingswinst bij de ontwikkelingsdochter in de belastingheffing te betrekken. Een kostengerelateerde beloning zou ertoe leiden dat (mogelijk) niet de volledige ontwikkelingswinst bij de ontwikkelingsdochter wordt belast en is in dergelijke situaties dan ook strijdig met de bedoeling van de wetgever.

Regeling
Vennootschapsbelasting, dividendbelasting; fiscale beleggingsinstelling; toepassing artikel 28 van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
26-06-2026
BWB-id
BWBR0049794
Versie
2026-06-26_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl