wetzoeker

2.3.7 — Bartering Regeling financiële verantwoording regionale publieke media-instellingen en de RPO 2024

Bartering

Grondslagen

Na afloop van een boekjaar worden bartertransacties verantwoord in de exploitatierekening. Baten uit bartering dienen afzonderlijk te worden verantwoord in de exploitatierekening op basis van de geldelijke waarde van de ontvangen goederen of diensten. De lasten worden opgenomen onder de barterlasten in de exploitatierekening op basis van de geldelijke waarde van de geleverde goederen of diensten.

De omvang van de baten wordt bepaald op de reële waarde van de ontvangen zaken of diensten, vermeerderd of verminderd met eventuele ontvangen of betaalde liquide middelen of activa die op zeer korte termijn liquide te maken zijn

4 In het geval van ontvangen of betaalde liquide middelen of activa die op zeer korte termijn liquide te maken zijn, dient de waarde hiervan relatief gering te zijn, omdat bartering ruilhandel met gesloten beurzen betreft. De norm is dat de hiervoor genoemde waarde maximaal 5% van de totale ruilwaarde bedraagt.

. Indien de reële waarde van de ontvangen zaken of diensten niet betrouwbaar kan worden bepaald, worden de baten bepaald op de reële waarde van de geruilde zaken of diensten, vermeerderd of verminderd met eventuele betaalde of ontvangen liquide middelen of activa die op zeer korte termijn liquide te maken zijn.

In de exploitatierekening worden de baten en lasten van alle bartertransacties verantwoord, ongeacht de aard en reële waarde van de bartertransactie. Voor de volledigheid wordt hierbij vermeld dat dit in tegenstelling is tot de RJ (RJ 270.108, RJ 270.108a), waarbij een bartertransactie met een gelijke aard en reële waarde niet wordt beschouwd als een transactie die een opbrengst genereert.

Toelichting

Bartering is te omschrijven als ruilhandel met gesloten beurzen tussen een publieke media-instelling en een externe contractpartij. Een belangrijke voorwaarde bij deze ruilhandel is dat de geleverde goederen of diensten ondanks de gelijke geldelijke waarde toch over en weer gefactureerd worden. De facturering is van belang in verband met zowel mediarechtelijke als belastingtechnische eisen. Het Commissariaat heeft hierover een beleidsbrief opgesteld, waarvan artikelen 48, 55, eerste lid, en 57c, eerste lid, Mediawet 1987 de grondslag vormden

5 Brief d.d. 31 maart 2008 met kenmerk FTZ-001-402-mvl.

. Hoewel de inhoud van deze artikelen inmiddels is opgenomen in nieuwe artikelen in de Mediawet 2008, is de beleidsbrief nog altijd relevant. In de financiële administratie dienen alle bartertransacties intracomptabel (dus verwerkt in het grootboek) te worden vastgelegd. Het is niet toegestaan om bartertransacties uitsluitend extracomptabel vast te leggen.

De hiervoor genoemde beleidsbrief van het Commissariaat schrijft de toepassing van een Model (‘Model Bartering Contracten’) voor als onderdeel van de additionele informatie. Dit Model wordt gebruikt als toelichting in de jaarrekening op de verantwoorde baten en/of lasten als gevolg van bartertransacties en is in dit Handboek opgenomen als Model VIII.

Regeling
Regeling financiële verantwoording regionale publieke media-instellingen en de RPO 2024
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
04-06-2024
BWB-id
BWBR0049773
Versie
2024-06-04_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl