wetzoeker

1.2 — Kader Regeling financiële verantwoording regionale publieke media-instellingen en de RPO 2024

Kader

Op de financiële verantwoording van de regionale publieke media-instellingen zijn naast het Handboek de regels van toepassing die zijn opgenomen in:

• de Mediawet 2008;

• het jaarrekeningenrecht, zoals deze zijn opgenomen in titel 9 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: Titel 9 Boek 2 BW);

• de Wet normering topinkomens (hierna: WNT);

• de richtlijnen van de Raad voor de Jaarverslaggeving (hierna: RJ); en

• de Europese richtlijnen 2014/23/EU betreffende het plaatsen van concessieopdrachten en 2014/24/EU betreffende het plaatsen van overheidsopdrachten, de Aanbestedingswet 2012, het Aanbestedingsbesluit en de Gids Proportionaliteit.

Op grond van de artikelen 2.172, eerste lid, en 2.173a, derde lid, van de Mediawet 2008, is Titel 9 Boek 2 BW van toepassing op de regionale publieke media-instellingen en de RPO, met dien verstande dat zij de winst- en verliesrekening vervangen door een exploitatierekening. Op de exploitatierekening zijn de bepalingen omtrent de winst- en verliesrekening zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing. Bij toepassing van de omvangscriteria volgens de artikelen 2:396 en 2:397 BW dient het begrip netto-omzet te worden geïnterpreteerd als de totale baten (inclusief subsidies en/of projectsubsidie en bijdragen van derden) van de publieke media-instelling.

De controleplicht is voor alle publieke media-instellingen van toepassing op de wijze zoals die in artikel 2:393 BW is geregeld, ongeacht de omvang van de publieke media-instelling. Voorts dienen de publieke media-instellingen een bestuursverslag op te stellen in overeenstemming met hetgeen hieromtrent is opgenomen in artikel 2:391 BW, die verenigbaar is met de jaarrekening.

Wanneer sprake is van afwijkingen tussen Titel 9 Boek 2 BW, het Handboek en de RJ, dan weegt Titel 9 Boek 2 BW het zwaarst, vervolgens het Handboek -in zijn hoedanigheid van onderdeel van een ministeriële regeling- en daarna de RJ.

1 De Raad voor de Jaarverslaggeving publiceert de RJ. De Raad voor de Jaarverslaggeving is een orgaan waarin de werkgeversorganisaties, vakbonden, registeraccountants en beleggingsanalisten zijn vertegenwoordigd. De richtlijnen zijn voor de verslaggevingspraktijk van belang omdat ze volgens de Ondernemingskamer gezaghebbende kenbronnen vormen van in het maatschappelijk verkeer als aanvaardbaar te beschouwen normen als in artikel 2:362 lid 1 BW (zie ook arrest van de Hoge Raad van 10 februari 2006, NJ 2006/241). De RJ kennen echter geen direct wettelijk kader. De wet verwijst namelijk niet expliciet naar de richtlijnen. De Stichting voor de Jaarverslaggeving is ook geen publiekrechtelijke rechtspersoon.

Het Handboek hanteert hierbij het uitgangspunt dat het geen mogelijkheden wil uitsluiten, die op basis van Titel 9 Boek 2 BW mogelijk zijn. Hierbij kan worden gedacht aan de keuzemogelijkheid ten aanzien van de grondslag voor de waardering van een actief en een passief, waarbij de verkrijgings- of vervaardigingsprijs en de actuele waarde in aanmerking komen (artikel 2:384, eerste lid, BW). Het Handboek sluit hierop aan en wil niet zonder meer een van deze mogelijkheden negeren.

Het Handboek vormt, evenals de RJ, een nadere invulling van Titel 9 Boek 2 BW. Het Handboek bevat voorschriften die inhoudelijk kunnen afwijken van de RJ, omdat ze meer of minder ruimte bieden dan de RJ. Drie voorbeelden dienen ter illustratie van de relatie tussen de RJ en het Handboek. Stel dat de RJ ten aanzien van een specifieke actiefpost twee waarderingsmethoden bieden, dan kan het Handboek voorschrijven dat uitsluitend één van deze methoden is toegestaan. Een tweede voorbeeld is dat het Handboek beide methoden van de richtlijnen uitsluit en een andere (derde) methode voorschrijft. Een derde voorbeeld is dat het Handboek voorschriften stelt die de richtlijnen nader verdiepen, bijvoorbeeld door het stellen van concrete afschrijvingspercentages met betrekking tot de specifieke actiefpost.

Regeling
Regeling financiële verantwoording regionale publieke media-instellingen en de RPO 2024
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
04-06-2024
BWB-id
BWBR0049773
Versie
2024-06-04_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl