wetzoeker

Artikel 9 Regeling beheer onroerende zaken Rijk 2024

Materieelbeheer van onroerende zaken van het rijk en de administraties die ten behoeve van dat beheer worden bijgehouden

1 De Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening kan beslissen een overtollig gestelde onroerende zaak te vervreemden indien:

a. hijzelf of een andere minister de onroerende zaak niet of niet binnen een redelijke termijn nodig heeft als bedoeld in artikel 8, eerste lid; of

b. het materieelbeheer van de onroerende zaak niet of niet binnen redelijke termijn kan worden overgedragen als bedoeld in artikel 8, tweede lid, in het geval dat hijzelf of een andere minister de onroerende zaak nodig heeft.

2 De Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening kan een onroerende zaak als bedoeld in artikel 6, vierde lid, onder a, vervreemden om het beleid dat aan zijn begroting ten grondslag ligt uit te voeren.

3 De Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening vervreemdt een onroerende zaak als bedoeld in artikel 6, vierde lid, onder b, op verzoek van de minister die de zaak heeft verworven. Hij voert met die minister overleg over het moment van vervreemding, het doel waarvoor en de voorwaarden waaronder de vervreemding plaatsvindt, en de criteria op grond waarvan een toekomstig eigenaar van de onroerende zaak wordt geselecteerd.

Regeling
Regeling beheer onroerende zaken Rijk 2024
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
12-11-2025
BWB-id
BWBR0049701
Versie
2025-11-12_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl