wetzoeker

3 — Ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel Aanwijzing opsporing en vervolging buitenlandse corruptie

Ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel

Het verkrijgen van inzicht in het vermogen van de omkoper/omgekochte en de geldstromen die gepaard gaan met corruptie is zowel bewijstechnisch als voor het ontnemen van het wederrechtelijk verkregen voordeel belangrijk. Voor een bedrijf dat door het betalen van steekpenningen in het buitenland bijvoorbeeld een aanbesteding weet binnen te halen kan de winst die daardoor behaald wordt als wederrechtelijk verkregen voordeel beschouwd worden. Bij de berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel, kunnen steekpenningen overeenkomstig artikel 36e lid 8 Wetboek van Strafrecht alleen als ‘kosten’ in mindering worden gebracht indien deze redelijkerwijs voor aftrek in aanmerking komen en in rechtstreeks verband staan met het strafbare feit waaruit het voordeel is verkregen.

Financiële opsporing is derhalve een cruciaal onderdeel van het opsporingsonderzoek, eventueel in combinatie met een Strafrechtelijk Financieel Onderzoek (SFO) of – bij complexe zaken – met gebruikmaking van de expertise van een specialist op het gebied van ontneming. In elk plan van aanpak dat wordt opgesteld voor buitenlandse corruptiezaken dient een paragraaf te worden gewijd aan de mogelijkheden tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.

Regeling
Aanwijzing opsporing en vervolging buitenlandse corruptie
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-06-2024
BWB-id
BWBR0049699
Versie
2024-06-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl