wetzoeker

7.3.1 — Uitgangspunten Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Matra ‘overheid tot overheid’ 2025–2029)

Uitgangspunten

Voor het bepalen van de (omvang van de) kosten die in aanmerking kunnen worden genomen bij het bepalen van de hoogte van de te verlenen subsidie gelden de volgende uitgangspunten:

– kosten moeten redelijk, logisch en noodzakelijk zijn, voor de uitvoering van de activiteiten waarvoor de subsidie wordt gevraagd, die naar hun aard passend zijn bij de betreffende organisatie die de kosten maakt;

– kosten moeten direct gerelateerd zijn aan de uitvoering van de activiteiten;

– kosten moeten worden gemaakt na de indiening van de aanvraag;

– kosten worden aan lokale maatstaven en op redelijkheid getoetst;

9 Hierbij geldt dat de begrote kosten voor inzet van commercieel werkende experts in lijn dienen te zijn met de motie de Pater-Van der Meer (Kamerstukken II 2009/10, 32 123 VII, nr. 32) die stelt dat voor in Nederland extern ingehuurde expertise een maximaal uurtarief van € 250,– exclusief btw en een maximaal dagtarief van € 1.800,– exclusief btw geldt. Voor de toetsing van de redelijkheid van in de doellanden in te kopen expertise wordt een beroep gedaan op de Nederlandse ambassades in de doellanden.

– kosten voor strategische communicatie mogen maximaal 10% van de totale subsidiabele kosten zijn.

Regeling
Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Matra ‘overheid tot overheid’ 2025–2029)
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
15-05-2024
BWB-id
BWBR0049696
Versie
2024-05-15_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl