4.1 — Doel en doelgroep Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Matra ‘overheid tot overheid’ 2025–2029)
Doel en doelgroep
Het doel van het subsidieprogramma is primair om een bijdrage te leveren aan capaciteitsversterking van (semi-) overheidsinstellingen in de doellanden en secundair om de bilaterale betrekkingen tussen Nederland en de doellanden te versterken, door middel van financiële ondersteuning van projecten die zich hierop richten.
De doelgroep bestaat uit de (semi-)overheidsinstellingen in de volgende doellanden:
– de pre-accessielanden Albanië, Bosnië-Herzegovina, Georgië, Kosovo, Moldavië, Montenegro, Noord-Macedonië, Oekraïne, Servië en Turkije; en
– Landen van het Oostelijk Partnerschap die een vergaand samenwerkingsakkoord (comprehensive and enhanced partnership agreement [CEPA]) hebben gesloten met de Europese Unie: Armenië.
Het subsidieprogramma beoogt (semi-)overheidsinstellingen in de doellanden te koppelen aan (een) vergelijkbare Nederlandse (semi-)overheidsinstelling(en). De inzet van expertise van Nederlandse (semi-)overheidsinstellingen is daarom een vereiste.
Capaciteitsversterking
Met capaciteitsversterking wordt bedoeld dat de capaciteit van één of meer (semi-) overheidsinstelling(en) in één of meer van de doellanden wordt versterkt door gebruik te maken van de capaciteit van een of meer relevante (semi-)overheidsinstelling(en) in Nederland.
Voor capaciteitsversterking in de pre-accessielanden geldt dat deze moet bijdragen aan de uitvoering van de afspraken die de Europese Unie heeft gemaakt met deze doellanden, welke betrekking hebben op de ontwikkeling van de rechtsstaat en goed bestuur in lijn met de toetredingscriteria voor de Europese Unie.
Voor zover het gaat om capaciteitsversterking in CEPA-landen (Armenië) geldt dat deze moet bijdragen aan de uitvoering van afspraken die de Europese Unie heeft gemaakt met dit doelland, welke betrekking hebben op rechtsstaatontwikkeling en goed bestuur zoals overeengekomen in de samenwerkingsakkoorden met de Europese Unie.
Versterking bilaterale betrekkingen
Met versterking van de bilaterale betrekkingen tussen Nederland en de doellanden wordt bedoeld dat de banden tussen de landen worden versterkt door:
(1) de samenwerking tussen Nederlandse (semi-)overheidsinstellingen en hun tegenhangers in de doellanden;
(2) de Nederlandse inzet zichtbaar te maken voor de overheid en het algemene publiek in het doelland middels (communicatie over) het project.
Feministisch Buitenlandbeleid
Nederland heeft sinds 2022 een feministisch buitenlandbeleid.
6 Kamerstukken II 2022/23, 34 952, nr. 182.
Het doel van dit beleid is om ongelijkheid te verkleinen en wereldwijd te streven naar een gelijkwaardige positie van mannen, vrouwen en non-binaire mensen. Het heeft daarbij bijzondere aandacht voor de positie van LHBTIQ+ personen. Dat betekent dat gendergelijkheid een dwarsdoorsnijdend thema is in het beleid van het Ministerie van Buitenlandse Zaken en de uitvoering daarvan. Alhoewel het doel van dit subsidieprogramma niet gendergelijkheid en het verbeteren van de positie van LHBTIQ+ personen is, is het van belang dat projecten een genderanalyse doen en rekening houden met eventuele effecten van hun project op gender(on)gelijkheid. Negatieve effecten op gendergelijkheid moeten worden voorkomen, positieve effecten zijn vanzelfsprekend welkom.
- Regeling
- Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Matra ‘overheid tot overheid’ 2025–2029)
- Soort
- Ministeriële regeling
- Geldend vanaf
- 15-05-2024
- BWB-id
- BWBR0049696
- Versie
- 2024-05-15_0