wetzoeker

Artikel 2 Beleidsregel oriëntatieprogramma mbo

Doel, voorwaarden en inhoud van het oriëntatieprogramma

1 Deze beleidsregel regelt de wijze waarop de Minister ten aanzien van het bevoegd gezag van een instelling gebruik maakt van zijn bevoegdheden, bedoeld in artikel 10.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs en respectievelijk artikel 10.2 van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES, onverminderd de Beleidsregel financiële sancties bij bekostigde onderwijsinstellingen 2022.

2 Deze beleidsregel verduidelijkt de wijze waarop het bevoegd gezag van een instelling invulling kan geven aan zijn wettelijke taak voor LOB door middel van een oriëntatieprogramma.

3 Deze beleidsregel heeft betrekking op LOB voor studenten die toelatingsrecht hebben tot een basisberoeps-, vak-, middenkader- of specialistenopleiding.

4 Een oriëntatieprogramma is bedoeld voor een student die:

a. bij de aanmelding nog geen weloverwogen studiekeuze voor een kwalificatie kan maken en om die reden eerst een oriëntatieprogramma wenst te volgen, of

b. na de aanmelding voor een kwalificatie als gevolg van het intakegesprek of studiekeuzeadvies, bedoeld in artikel 8.0.4 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, alsnog de behoefte heeft aan het volgen van een oriëntatieprogramma, voordat er een inschrijving voor een kwalificatie plaatsvindt, of

c. Na een verkeerde studiekeuze zich wil oriënteren op een nieuwe kwalificatie.

Regeling
Beleidsregel oriëntatieprogramma mbo
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-08-2026
BWB-id
BWBR0049661
Versie
2026-08-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl