wetzoeker

Artikel 32 Tijdelijke regeling uitkering bodem 2024–2030

Wijze van verdelen van resterende middelen

1 Indien een of meer van de beschikbare bedragen, bedoeld in artikel 4, tweede, derde, of vierde lid, na de verdeling, bedoeld in artikel 4, zesde lid, niet zijn uitgeput, kan de minister voor het resterende bedrag een tweede aanvraagronde voor een uitkering als bedoeld in deze regeling openstellen.

2 De minister maakt de indieningstermijn en het resterende bedrag, bedoeld in het eerste lid, in de Staatscourant bekend, alsmede voor welke budgetpost een aanvraag kan worden ingediend.

3 De minister verdeelt het bedrag, bedoeld in het tweede lid, op volgorde van binnenkomst.

4 De artikelen 7, derde lid, 11, 12, 13, 13a, 14, 16, 17, 18, 19, 20, 21, 21a, 22, 24, 25, 25a, 26, 27, 28, 29 29a, en 30 zijn van overeenkomstige toepassing op een tweede aanvraagronde.

Regeling
Tijdelijke regeling uitkering bodem 2024–2030
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
28-11-2025
BWB-id
BWBR0049658
Versie
2025-11-28_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl