wetzoeker

1.3 — Het recht op bronbescherming is niet absoluut Aanwijzing strafvorderlijk optreden met betrekking tot journalisten

Het recht op bronbescherming is niet absoluut

Een inbreuk op het recht op bronbescherming is mogelijk wanneer openbaring van de bron in een democratische samenleving noodzakelijk is met het oog op een of meer van de in artikel 10, tweede lid, EVRM genoemde belangen. In de formulering van artikel 218a Sv is een inbreuk alleen mogelijk indien bij het onbeantwoord blijven van vragen over de identiteit van een bron een onevenredig grote schade zou worden toegebracht aan een zwaarder wegend maatschappelijk belang.

Daarenboven geldt dat een dergelijke inbreuk ten behoeve van strafvorderlijke belangen slechts is toegestaan onder de voorwaarde dat daaraan een zorgvuldige belangenafweging door bevoegde justitiële autoriteiten vooraf is gegaan. De vereisten van rechtmatigheid, proportionaliteit, subsidiariteit en doelmatigheid zijn hierbij leidend. Overschrijding van de grenzen kan een verzuim opleveren in de zin van artikel 359a Sv en kan dus (rechts)gevolgen hebben.

Regeling
Aanwijzing strafvorderlijk optreden met betrekking tot journalisten
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-05-2024
BWB-id
BWBR0049630
Versie
2024-05-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl