wetzoeker

1.2 — Wettelijke regeling Aanwijzing strafvorderlijk optreden met betrekking tot journalisten

Wettelijke regeling

Met ingang van 1 oktober 2018

3 Wet tot wijziging van het Wetboek van Strafvordering tot vastlegging van het recht op bronbescherming bij vrije nieuwsgaring (Wet bronbescherming in strafzaken), Stb. 2018, 265.

geldt op grond van artikel 218a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) dat journalisten en publicisten zich kunnen verschonen van het beantwoorden van vragen die zich richten op het bekend worden van de bron van hun informatie en dat een inbreuk op dit recht alleen mogelijk is indien bij het onbeantwoord blijven van deze vragen een onevenredig grote schade zou worden toegebracht aan een zwaarder wegend maatschappelijk belang. Bij de toepassing van de dwangmiddelen genoemd in de artikelen 126n, 126nd, 126u, 126ud, 126zh, 126zl en 126nda Sv is een toetsing door de rechter-commissaris aan het criterium van artikel 218a Sv vereist indien de vordering betrekking heeft op een journalist (zie § 1.4. hierna voor de uitleg van de term ‘journalist’).

Regeling
Aanwijzing strafvorderlijk optreden met betrekking tot journalisten
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-05-2024
BWB-id
BWBR0049630
Versie
2024-05-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl