wetzoeker

84 — Kwalificatiedossier Officier van Dienst Operationeel Centrum Regeling politieonderwijs

Kwalificatiedossier Officier van Dienst Operationeel Centrum

KSP modaliteit 2

Kwalificatievereisten

Kwalificatievereisten geven aan wat de student moet laten zien om te voldoen aan de eisen van de kwalificatie op het niveau van startbekwaamheid.

Kwalificatievereisten

De kwalificatievereisten zijn onderverdeeld in kerntaken, werkprocessen, competenties en bijbehorende gedragsindicatoren.

Kerntaak

Kerntaken geven de belangrijkste werkzaamheden van een beroepsoefenaar weer. In het geval van de Officier van Dienst Operationeel Centrum is er één kerntaak: Leiding geven aan de operatie vanuit het operationeel centrum.

Werkproces

Een werkproces bestaat uit een aantal samenhangende activiteiten die horen bij een kerntaak. Die activiteiten hebben een begin, een eind en leiden tot een duidelijk resultaat. De kerntaak Leiding geven aan de operatie vanuit het operationeel centrum kent drie werkprocessen.

Kerntaken | Werkprocessen

1.Leiding geven aan de operatie vanuit het operationeel centrum. | 4.7 Sturing op incidenten en eenheden vanuit het operationeel centrum. 4.8 Verzorgen van de overdracht van de incidenten naar de lokale leiding of dienstonderdeel. 4.9 Adviseren/ informeren.

Voor ieder werkproces zijn gedragsindicatoren benoemd. Deze gedragsindicatoren zijn hetgeen waartoe de officier van dienst operationeel centrum (OvD-OC) wordt opgeleid. Daarmee zijn het die eisen die getoetst worden om te kunnen meten wanneer een student aan de eisen voldoet. Alle gedragsindicatoren moeten worden gezien binnen de aard en de context van het werk dat de OvD-OC uitvoert. Gedragsindicatoren die voor deze doelgroep gelden, worden per werkproces puntsgewijs opgesomd onder het kopje ‘Gedrag’. Om de gedragsindicatoren beter te begrijpen, worden zij ingeleid door een algemene omschrijving. Deze algemene omschrijvingen zijn ook het niveau waarop kwalificatievereisten worden gebruikt in de context van de verantwoording aan de minister via de POR.

Kerntaak 1. Leiding geven aan de operatie vanuit het operationeel centrum.

Werkproces 1: Sturing op incidenten en eenheden vanuit operationeel centrum

Omschrijving | Competenties

De OvD-OC is in staat om naar aanleiding van binnengekomen informatie met betrekking tot een incident deze naar waarde in te schatten. Op basis van deze informatie bepaalt de OvD-OC op welke wijze en op welk niveau dit incident wordt aangepakt. | • Analytisch vermogen/ probleemanalyse • Organisatievermogen • Leiding geven • Besluitvaardigheid • Stressbestendigheid

Gedrag

De OvD-OC • Analyseert de verkregen informatie • Verwerkt, verwerft en interpreteert de verkregen informatie op een juiste wijze • Stelt zijn/haar informatiebehoefte vast • Past risicomanagement en scenariomanagement toe • Onderscheidt hoofd- en bijzaken • Neemt gedegen besluiten • Initieert op- en afschalen • Toont veiligheidsbewustzijn • Bewaakt de voortgang van de melding en afhandeling incident • Coördineert en delegeert politietaken • Toont situationeel leidinggeven • Bewaart de rust, ook onder druk/spanning

Werkproces 2: Verzorgen van de overdracht van de incidenten naar de lokale leiding of dienstonderdeel

Omschrijving | Competenties

De OvD-OC is in staat om een incident over te dragen aan de lokale leiding/ dienstonderdeel. (Overdracht aan een Officier van Dienst Politie (OvD-P) Officier van Dienst Recherche (OvD-R) of Operationeel Coördinator (Opco). Dus schakelen van off scene sturing naar on scene sturing. | • Organisatievermogen • Samenwerken • Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid

Gedrag

De OvD-OC • Onderscheidt hoofd en bijzaken • Verstrekt en draagt op een duidelijke wijze informatie over • Stemt af met betrokkene met betrekking tot het incident en te volgen strategie en draagt het incident over aan betrokkene • Werkt samen met de betrokkene

Werkproces 3: Adviseren/informeren

Omschrijving | Competenties

De OvD-OC is in staat om degelijke adviezen uit te brengen en de juiste betrokkene op een adequate wijze te adviseren of te informeren. | • Adviseren • Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid • Samenwerken

Gedrag

De OvD-OC • Toont gevoel voor maatschappelijke verhoudingen en mediagevoeligheid • Adviseert en informeert de tactisch/ strategische lijn. • Onderkent, begrijpt en anticipeert op politiek-bestuurlijke belangen, processen en besluitvorming die van invloed zijn op het incident en is daar politiek sensitief in. • Geeft gevraagd en ongevraagd adviezen waarbij rekening wordt gehouden met onderliggende problemen. • Benoemt waar nodig consequenties en dilemma’s. • Presenteert informatie en adviezen op gestructureerde wijze, is concreet en stemt daarbij taalgebruik en inhoud af op de ontvanger.

Regeling
Regeling politieonderwijs
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
30-05-2026
BWB-id
BWBR0049610
Versie
2026-05-30_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl