B.1 — Diploma’s (deel 1) Regeling politieonderwijs
Diploma’s
Code KD | Code KSP 2013 | C | Titel diploma | FA
1.6.1 | | 240 | Bachelor Politiekunde
Kwalificatieprofiel
Een Politiekundige Bachelor kan:
Noodhulp
Vakmatig
1. al dan niet in groepsverband als ‘troubleshooter’ opereren in de (veranderlijke) omgeving van veiligheidsregio’s, heftige en onverwachte incidenten, risicovolle calamiteiten en niet te plannen activiteiten
2. zelfstandig beslissingen nemen op voorbereidend, uitvoerend en coördinerend niveau wat betreft de prioriteit van de inzet, omvang en aard van de middelen
3. samen met partners beleid, modellen en strategieën ontwikkelen voor de organisatie en het monitoren van hulpverlening, noodhulp en de opschaling daarvan
4. een integraal plan van aanpak van noodhulp en rampenbestrijding ontwerpen, uitvoeren en evalueren – op basis van het inschatten van potentiële risico’s
Contextueel
5. in het netwerk van uitvoeringsorganisaties op het terrein van intake en noodhulp opereren, coördineren en partners activeren
6. omgaan met technologische vernieuwingen in apparatuur (voor de meldkamer of van medische aard) en de juridische dimensie van noodhulpsituaties
7. positie kiezen in de politiek-bestuurlijke en organisatorische ontwikkelingen met betrekking tot het meldkamerdomein en de voorbereiding op rampen en calamiteiten (veiligheidsregio’s, samenwerking met gemeente en provincie en de toenemende rol van de landelijke overheid)
8. capaciteitsmanagement, het National Intelligence Model (NIM) of het Referentiemodel Bedrijfsprocessen Politie (RBP) 2008 benutten om omgevingsontwikkelingen te kanaliseren
Sociaal
9. conflicten tussen verschillende partijen en stressvolle situaties evenwichtig hanteren en daarbij fysiek, mentaal en verbaal schakelen, ook bij grotere mensenmassa’s
10. verwachtingen – wat kunnen/ mogen (ontevreden, lastige of bedreigde) burgers van politiehulp verwachten – vertrouwenwekkend managen
11. bij noodhulpvragen van burgers gebruik maken van hun potentieel aan zelfredzaamheid
12. in de interactie met bestuur, partners en publiek alert zijn op de kenmerken/ eigenschappen van elke partij, resp. formele positie, taakopvatting, diversiteit
Individueel
13. adviseren over een adequate (her)inrichting van processen van intake en noodhulp
14. de toepassing van protocollen en standaardprocessen combineren met actie-intelligent en situatie-intelligent optreden
15. de wijze van informatievergaring optimaal afstemmen op die van samenwerkingspartners
16. bijdragen aan de verbetering van het uitvoeren en monitoren van noodhulpvraagstukken
Handhaving
Vakmatig
1. in (on)verwachte en kritische openbare orde situaties methodisch en systematisch het hoofd bieden aan hectiek en mediadruk
2. discretionair omgaan met (inter)nationale wet- en regelgeving
3. overtredingspatronen herkennen, daarin verbanden leggen en hypothesen voor een proactieve, preventieve of repressieve aanpak daarvan vormen en toetsen
4. beleidsplannen, plannen van aanpak, draaiboeken en projecten aangaande risicosituaties op het gebied van bv. verkeer, milieu en evenementen formuleren, uitvoeren en evalueren
Contextueel
5. bij het coördineren van gezamenlijke projecten voortgangsbeslissingen nemen tegen de achtergrond van uiteenlopende (criteria voor) besluitvormingsprocessen
6. omgaan met diverse rechtsgebieden (staats- en bestuursrecht, strafrecht, civiel recht, internationaal recht)
7. rekening houden met (inter)nationale veranderingen in de organisatie en het object van handhaving van de openbare orde (bv. afstoten van taken, nodale i.p.v. gebiedsoriëntatie)
8. totstandkoming van (inter)nationale wettelijke kaders en jurisprudentie duiden en veranderingen daarin vertalen in beleidsvoorstellen en procesbewaking
Sociaal
9. het eigen handelen en dat van collega’s toetsen op correctheid
10. in het netwerken, onderhandelen en vergaderen met instanties rekening houden met verschillende protocollen, procedures en culturen
11. extern schakelen en acties afstemmen in termen van gedragsbeïnvloeding en concrete activiteiten, rekening houdend met doelgroep en partners
12. integer optreden, rekening houdend met de diversiteit aan medewerkers en betrokkenen
Individueel
13. gedragsmodellen en handhavingsscenario’s ontwerpen en evalueren naar diverse vormen
14. adviseren omtrent handhaving, zowel strategisch, tactisch en operationeel
15. de effecten van multidisciplinair delen van informatie en het veredelen ervan afwegen en evalueren
16. de impact van handhaving relateren aan het duurzame nut voor de organisatie, partners en de burger
Opsporing
Vakmatig
1. omgaan met hectiek, (georganiseerde) criminaliteit, diverse actoren (media, raadslieden etc.) en diversiteit in rechercheprocessen
2. bij het rechercheren rechtmatigheid en wetmatigheid inschatten alsmede rechtsbeginselen en rechtsmiddelen afwegen
3. forensische en tactische informatie tot ‘intelligence’ verheffen, onderbrengen in een te formuleren opsporingsplan en de onderzoeksresultaten vastleggen in een dossier
4. vanuit een breed politiekundig referentiekader en criminologische expertise een tactische aanpak van (georganiseerde) criminaliteit ontwerpen en het proces ervan bewaken
Contextueel
5. in samenwerking met het OM, externe opsporingsinstanties en specialisten de reikwijdte van ieders bevoegdheden benutten en (internationale) rechtshulpverzoeken verwerken
6. een ruim arsenaal aan opsporingsactiviteiten (waaronder digitaal/ financieel) overzien en (laten) inzetten
7. bij een meer omvattend opsporingsonderzoek rekening houden met maatschappelijke, bestuurlijke, juridische en rechtspsychologische ontwikkelingen (trends in kapitale delicten, politiek-bestuurlijke prioriteiten, jurisprudentie, forensische vernieuwingen, EU-richtlijnen)
8. een operationele en strategische criminaliteitsanalyse (laten) doen
Sociaal
9. in opsporingsonderzoek relaties managen en medewerkers coachen
10. in teamverband samenwerken met personen met verschillende culturele en vakmatige achtergronden en ervaringen (intern, extern, nationaal, internationaal)
11. in PV’s, verhoren, zaaksoverleg en (de)briefings: informatie, instructies, conclusies of nazorg helder communiceren en – juridisch en taalkundig – accuraat rapporteren, waar van toepassing in een vreemde taal
12. in de opsporing integer gebruik maken van kennis en vaardigheden
Individueel
13. denken in opsporingsscenario’s
14. het proces en de resultaten van een opsporingsonderzoek omzetten in een advies en aangeleverd advies benutten
15. relevantie en gevoeligheid van (inter)nationaal gedeelde ‘intelligence’ inschatten, erop anticiperen en ervan leren
16. recherche-ervaring omzetten in persoonlijke effectiviteit en kwaliteitsverbetering voor de organisatie
Gemeenschappelijke veiligheid
Vakmatig
1. opereren in een versnipperd veld van heterogeen bestuurde en wisselende veiligheidsnetwerken en -instanties
2. behalve in een functie ook verantwoordelijkheid en leiding nemen in een rol of positie, met inachtneming van proportionaliteit, subsidiariteit en opportuniteit
3. onderzoek naar gebiedsgebonden informatiepatronen koppelen aan nodale informatiestromen
(ook internationaal) en de bevindingen omzetten in ‘intelligence’
4. samen met de ketenpartners integrale veiligheidsarrangementen opstellen, uitvoeren en evalueren in termen van resultaat, processen, organisatie en samenwerking
Contextueel
5. de regie nemen in de samenwerking met publieke en private ketenpartners of burgers bij het bevorderen of realiseren van veiligheid en leefbaarheid in lokaal of regionaal verband
6. geografisch of functioneel interventies plannen en plegen, gericht op het beïnvloeden van mechanismen en patronen
7. zich vergewissen van het belang van het onderscheid tussen objectieve en subjectieve veiligheid en het effect daarvan op het verwachtingspatroon van de burger
8. bovenlokale en internationale problemen, politiek-bestuurlijke en digitale ontwikkelingen vertalen in risico-inventarisaties en integraal veiligheidsbeleid
Sociaal
- Regeling
- Regeling politieonderwijs
- Soort
- Ministeriële regeling
- Geldend vanaf
- 30-05-2026
- BWB-id
- BWBR0049610
- Versie
- 2026-05-30_0