wetzoeker

III — Omgevingsgericht politieleiderschap Regeling politieonderwijs

Omgevingsgericht politieleiderschap

De operationele kant van leidinggeven aan een politieteam vraagt om het beïnvloeden en onderhouden van samenwerkingsverbanden en netwerken met ketenpartners, (vertegenwoordigers van) maatschappelijke organisaties en het (lokale) politiek-bestuurlijke krachtenveld, waarbij de legitimiteit van het politiewerk bevestigd wordt en politiek-maatschappelijk verantwoording wordt afgelegd over de inzet van bevoegdheden. Bij een gezamenlijke aanpak van veiligheidsproblemen moet de tactisch politieleider kunnen omgaan met externe veranderingen en transities binnen de Nationale Politie en koersvast zijn in de (politieke) waan van de dag.

Hij/zij is op de hoogte van theorieën van change management, systeemdenken, elementaire politicologische/bestuurskundige inzichten, (inter)nationale politierelevante maatschappelijke ontwikkelingen en van internationale, met name Europese richtlijnen voor grensoverschrijdende politiesamenwerking. Bij het sturen op het effect van het politiewerk, het meten daarvan, en bij het gebruik van bevoegdheden houdt de tactisch politieleider rekening met aspecten van legitimiteit, ook ten overstaan van de politiek-maatschappelijke omgeving.

In breder verband is de tactisch politieleider actief in netwerken en coalities met het oog op het verkrijgen van de gewenste informatie, steun en medewerking. Als het gaat om externe informatievergaring, gebeurt dit integer, d.w.z. met inachtneming van het Nederlandse juridische kader. Ook weet hij/zij politierelevante zaken op de (bestuurlijke) agenda te krijgen.

Regeling
Regeling politieonderwijs
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
30-05-2026
BWB-id
BWBR0049610
Versie
2026-05-30_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl