wetzoeker

130 — Kwalificatiedossier Vastlegging Verdiepend Regeling politieonderwijs

Kwalificatiedossier Vastlegging Verdiepend

Kwalificatievereisten geven aan wat de student moet laten zien om te voldoen aan de eisen van de kwalificatie op het niveau van startbekwaamheid en om het bijhorende certificaat te ontvangen.

Kerntaken

Bij het ontwikkelen van de kwalificatievereisten van Vastlegging Verdiepend zijn de volgende kerntaken gehanteerd:

• Het dossier voorbereiden

• Het dossier opbouwen

• Het dossier afronden

• Professioneel handelen

De genoemde kerntaken zijn de kernonderdelen voor de uitvoering van de gehele complexe taak: ‘het opstellen en opleveren van het procesdossier’. Om de gehele taak uit te voeren is specifieke kennis nodig en zijn tevens verschillende vaardigheden nodig.

De kerntaken komen overeen met de fases waarin een opsporingsonderzoek zich kan bevinden en waarop de kerntaken in het BPO gebaseerd zijn. In de kwalificatievereisten van het BPO, uitstroomprofiel VVC staat dat de politieagent in de opsporing in staat kan worden geacht om zelfstandig een niet-complex opsporingsonderzoek voor te bereiden, uit te voeren en af te sluiten (Politieacademie, 2021b). De kwalificatie Vastlegging Verdiepend sluit daarop aan door in te spelen op meer complexe opsporingsonderzoeken.

Kwalificatievereisten

Het dossier voorbereiden

Proces-verbaal samenstellen

• De student stelt een correct en overzichtelijk proces-verbaal samen.

Ontvangen van informatiebronnen

• De student ontvangt de informatiebronnen en raadpleegt de ter beschikking gestelde systemen.

• De student onderneemt actie bij onjuist vormgegeven, onvolledige of afwezige informatiebronnen.

Lezen en controleren van informatiebronnen

• De student leest en controleert informatiebronnen waarbij er gelet wordt op onvolledigheden.

Interpreteren van tactische aanwijzingen

• De student herkent de tactische aanwijzingen in een informatiebron door deze op te nemen in de samenvatting van deze informatiebron.

Het dossier opbouwen

Informatiebronnen samenvatten

• De student vat de informatiebronnen samen op een correcte wijze binnen een juridische context.

Opbouwen en inhoud geven aan het dossier

• De student stelt een relaas (opgebouwd uit meerdere samenvattingen van informatiebronnen) samen.

• De student bouwt in het onderzoek een mappenstructuur in het onderzoeks- en procesdossier.

• De student structureert informatiebronnen in de mappen.

Analyseren, structureren en controleren

• De student legt verbanden tussen verschillende informatiebronnen.

• De student geeft vorm aan onderzoeksscenario’s in het relaas.

• De student legt relaties tussen tactische aanwijzingen en onderzoekshandelingen in het relaas.

• De student controleert of alle processtukken compleet en beschreven zijn in het relaas.

• De student geeft een overzicht van het bewijs volgend uit het opsporingsonderzoek.

• De student controleert of de juridische terminologie juist is verwoord in een processtuk.

• De student controleert of het in het dossier opgenomen bewijs in overeenstemming met de wet is verworven.

• De student controleert of er voor alle bestanddelen in de delictsomschrijving bewijs is.

• De student controleert of de informatie ten behoeve van de vragen die een rechter in zijn uitspraak moet beantwoorden aanwezig zijn in het dossier.

• De student controleert of er vormverzuimen aanwezig zijn in het opsporingsonderzoek.

Het dossier afronden

Dossier opleveren

• De student brengt structuur aan, in en om het dossier door rekening te houden met archivering en uniformiteit.

• De student past het relevantiecriterium toe.

Professioneel handelen

Communiceren, samenwerken en netwerken

• De student werkt samen met interne en externe ketenpartners.

• De student maakt gebruik van netwerken binnen het opsporingsonderzoek.

• De student is een gelijkwaardige gesprekspartner voor interne en externe ketenpartners.

Integer, objectief, ethisch en transparant handelen

• De student evalueert diens eigen functioneren.

• De student geeft blijk van ethisch handelen door integer, objectief en transparant vast te leggen.

• De student blijft gestructureerd werken wanneer meerdere mensen een beroep op hem/haar doet.

• De student communiceert transparant en overtuigend over de manier waarop de gekozen onderzoeksstrategie en tactiek in dossiervorming tot uitdrukking komt en kan deze zowel intern als extern toelichten en verantwoorden.

• De student communiceert tijdig en transparant met interne en externe ketenpartners.

Coachen, evalueren en adviseren

• De student geeft aanwijzingen aan teamleden op welke wijze informatie wordt vormgegeven en aangeleverd bij aanvang en tijdens het opsporingsonderzoek.

• De student activeert collega’s binnen het eigen operationele proces voor de uitvoering van interventies binnen de gekozen onderzoekstactiek in relatie tot het vastleggen van gegevens.

• De student adviseert het OM over de totstandkoming en de inhoud van het dossier in het belang van het continu verbeteren van het schriftelijke werk.

• De student coacht direct betrokkenen.

• De student evalueert het proces rond dossiervorming binnen een opsporingsonderzoek.

• De student controleert een proces-verbaal van een ander op vorm en inhoud.

• De student geeft op respectvolle manier constructieve (vakmatige) feedback aan anderen en vraagt om feedback.

• De student adviseert de belanghebbende actoren over te nemen vervolgstappen bij het niet conform de wet verkregen bewijs.

• De student adviseert de belanghebbende actoren over de te nemen vervolgstappen bij de aanwezigheid van vormverzuim.

Regeling
Regeling politieonderwijs
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
30-05-2026
BWB-id
BWBR0049610
Versie
2026-05-30_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl