wetzoeker

Categorie 3 Ontplofbare stoffen Inrichtingen- en activiteitenbesluit BES

Onderdeel 3.1 In deze categorie wordt onder ontplofbare stoffen verstaan de stoffen of preparaten als bedoeld in artikel 2 van het Besluit verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten, dan wel de stoffen, preparaten of andere producten, die zijn ingedeeld in de internationale transportgevarenklasse 1 als bedoeld in bijlage 1 van de Regeling vervoer over land van gevaarlijke stoffen (VLG), alsmede nitrocellulose.

Onderdeel 3.2 Een inrichting waar ontplofbare stoffen, preparaten of producten worden verpakt of herverpakt, opgeslagen of overgeslagen.

Onderdeel 3.3 Voor de toepassing van onderdeel 3.1 van deze bijlage blijft het opslaan van ten hoogste de volgende hoeveelheden buiten beschouwing:

1°. 10.000 tot gevarengroep 1.4 van het VLG behorende patronen dan wel onderdelen daarvan voor vuurwapens met een kaliber van niet meer dan 13,2 mm of voor schietgereedschap;

2°. 1 kilogram tot gevarengroep 1.1 van het VLG behorend zwart buskruit;

3°. 3 kilogram tot gevarengroep 1.3 van het VLG behorend rookzwak buskruit;

4°. 10 kilogram tot gevarengroep 1.4 van het VLG behorend pyrotechnisch speelgoed;

5°. 25 kilogram tot gevarengroep 1.4 van het VLG behorend consumentenvuurwerk.

Onderdeel 3.4 Voor de toepassing van onderdeel 3.2 blijft buiten beschouwing het bewerken, verwerken, verpakken of herverpakken, op- en overslaan van ontplofbare stoffen binnen inrichtingen die worden gebruikt door de Nederlandse of een bondgenootschappelijke krijgsmacht.

Onderdeel 3.5 Een inrichting type II is een inrichting waar consumentenvuurwerk met een gezamenlijke opslagcapaciteit tot maximaal 1.100 kilogram wordt opgeslagen.

Onderdeel 3.6 Een inrichting type III is een inrichting waar:

a. consumentenvuurwerk wordt verpakt of herverpakt, opgeslagen of overgeslagen, met een gezamenlijke opslagcapaciteit van meer dan 1.100 kilogram;

b. professioneel vuurwerk wordt verpakt of herverpakt, opgeslagen of overgeslagen;

c. meer dan 1 kilogram zwart kruit wordt opgeslagen;

d. meer dan 50 kilogram rookzwak kruit wordt opgeslagen;

e. meer dan 50 kilogram netto explosieve massa noodsignaal wordt opgeslagen;

f. meer dan 250.000 patronen ten behoeve van schiethamers worden opgeslagen;

g. de opslag van andere ontplofbare stoffen dan de hierboven genoemde stoffen en anders dan pyrotechnisch speelgoed plaatsvindt.

Onderdeel 3.7 Een inrichting type IV is in elk geval een inrichting voor het vervaardigen en bewerken van ontplofbare stoffen.

Regeling
Inrichtingen- en activiteitenbesluit BES
Soort
AMvB-BES
Geldend vanaf
01-04-2024
BWB-id
BWBR0049276
Versie
2024-04-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl