wetzoeker

3.2.2 — Begrippen ‘element’, ‘werktuig’ en ‘machine’ (§ 3.2, onderdelen c en d) Besluit onroerende zaken omzetbelasting

Begrippen ‘element’, ‘werktuig’ en ‘machine’ (§ 3.2, onderdelen c en d)

Als onroerende zaak wordt ook aangemerkt ieder element dat is geïnstalleerd en een integrerend deel uitmaakt van een gebouw zonder welk het gebouw onvolledig is, zoals deuren, ramen, daken, trappen en liften.

16 Artikel 13 ter, onder c, van de uitvoeringsverordening.

Hieronder vallen bijvoorbeeld ook cv-ketels in een woning.

17 Uitgezonderd keukenboilers, vanwege hun aanvullende functie, zie Gerechtshof Arnhem 27 september 1995, ECLI:NL:GHARN:1995:AW0966.

Als de verhuur van een element (bijvoorbeeld de verhuur van een cv-ketel) is aan te merken als een aparte prestatie is sprake van de verhuur van een (deel van een) onroerende zaak. Het btw-regime dat van toepassing is op deze verhuur moet afzonderlijk worden beoordeeld.

Ook wordt als onroerende zaak aangemerkt ieder element of werktuig dat of iedere machine die normaal een roerende zaak zou zijn, maar welke blijvend geïnstalleerd is en niet zonder vernietiging of wijziging van het gebouw of de constructie kan worden verplaatst.

18 Artikel 13 ter, onder d, van de uitvoeringsverordening.

Het HvJ heeft beslist dat zogenoemde serverkasten niet kwalificeren als element in de zin van artikel 13 ter, onder c en d, van de uitvoeringsverordening. Hieruit volgt dat de serverkasten niet kunnen worden aangemerkt als een integrerend element van het gebouw.

19 HvJ 2 juli 2020, C-215/19 (Veronsaajien oikeudenvalvontayksikkö), ECLI:EU:C:2020:518, pt. 48.

Regeling
Besluit onroerende zaken omzetbelasting
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
18-12-2025
BWB-id
BWBR0049092
Versie
2025-12-18_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl