wetzoeker

Artikel 6 Beleidsregel nadeelcompensatie Infrastructuur en Waterstaat 2024

Procedurebepalingen

1 De commissie dient de Minister van advies over de op de aanvraag te nemen beslissing.

2 De commissie stelt, indien dat nodig is voor een zorgvuldige advisering, een onderzoek in naar:

a. de vraag of de door aanvrager in zijn aanvraag gestelde schade een gevolg is van de in de aanvraag aangeduide schadeoorzaak, voor zover deze als een rechtmatige uitoefening door of namens de Minister van een aan het publiekrecht ontleende bevoegdheid of taak als bedoeld in artikel 4:126, eerste lid, van de wet kan worden aangemerkt;

b. de omvang van de schade als bedoeld onder a;

c. de vraag of, met inachtneming van artikel 4, deze schade redelijkerwijs niet of niet geheel ten laste van de aanvrager behoort te blijven;

d. de vraag of vergoeding van de schade niet, of niet voldoende, anderszins is verzekerd.

3 De commissie brengt advies uit over haar bevindingen. Zij adviseert de Minister over de hoogte van de uit te keren schadevergoeding en doet, indien de Minister een daartoe strekkende verzoek heeft gedaan, voorstellen voor maatregelen of voorzieningen waardoor de schade, anders dan door een vergoeding in geld, kan worden beperkt of ongedaan gemaakt.

4 Indien een aanvraag om toekenning van een voorschot is ingediend door aanvrager, dient de commissie de Minister tevens van advies over de verlening van dit voorschot, vooruitlopend op de toekenning van nadeelcompensatie.

Regeling
Beleidsregel nadeelcompensatie Infrastructuur en Waterstaat 2024
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-01-2024
BWB-id
BWBR0049076
Versie
2024-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl