wetzoeker

Artikel 21 Regeling regionaal investeringsfonds mbo 2024–2027

Besluitvorming en verplichtingen

1 De minister besluit uiterlijk binnen zestien weken na de sluitingsdatum van de aanvraagperiode, bedoeld in artikel 17, op de aanvragen. Indien toepassing wordt gegeven aan artikel 19, zesde lid, wordt de beslistermijn van de eerste volzin verlengd met ten hoogste vier weken.

2 Indien het subsidieplafond voor een aanvraagperiode wordt overschreden, wijst de minister op grond van de puntenaantallen op de rangschikkingslijsten, bedoeld in artikel 20, eerste lid, laatste volzin, een gelijk aantal van de aanvragen, bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdelen a en b, toe. Indien na de verdeling, bedoeld in de vorige volzin, nog meer aanvragen kunnen worden toegewezen, wijst de minister de aanvragen met het relatief hoogste puntenaantal op de onderscheiden rangschikkingslijsten toe.

3 Indien na toepassing van het tweede lid aanvragen op een gelijke positie worden gerangschikt en slechts één van de aanvragen kan worden gehonoreerd, beslist de minister op basis van loting.

4 Indien de minister niet tijdig besluit, deelt hij de aanvrager mede binnen welke termijn de beslissing wel tegemoet kan worden gezien.

5 Indien de minister een aanvraag afwijst, omdat deze niet voldoet aan artikel 19, zevende lid, kan de aanvrager de aanvraag nog éénmaal in een later tijdvak indienen. De eerste volzin is niet van toepassing op aanvragen die in het laatste tijdvak worden ingediend.

Regeling
Regeling regionaal investeringsfonds mbo 2024–2027
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-08-2026
BWB-id
BWBR0048883
Versie
2026-08-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl