wetzoeker

Artikel 23 Regeling medisch-specialistische zorg

Zorgactiviteiten

1 De beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert, is verantwoordelijk voor het vaststellen of er bij de behandeling van een patiënt aan de medische indicatievereisten wordt voldaan op basis van de Zorgverzekeringswet. Daarnaast is hij/zij ook verantwoordelijk om dit op een juiste wijze vast te leggen bij de registratie van de zorgactiviteit.

2 De verleende zorg wordt vastgelegd in door de NZa vastgestelde enkelzijdig omschreven zorgactiviteiten. De omschrijvingen en definities zoals omschreven in deze regeling zijn hierbij leidend.

3 De zorgactiviteit wordt vastgelegd op de kwalificatiecode van de beroepsbeoefenaar die de zorg feitelijk heeft geleverd. Deze verplichting geldt alleen voor beroepsbeoefenaren die de poortfunctie uitvoeren (NR artikel 1 sub dd). Deze verplichting geldt niet voor arts-assistenten.

4 Zorgactiviteiten zijn vorm- en locatieonafhankelijk, tenzij in de regeling of zorgactiviteitomschrijving anders vermeld staat.

5 Indien meerdere specialismen bijdragen aan het uitvoeren van één zorgactiviteit, wordt deze zorgactiviteit door één betrokken beroepsbeoefenaar gebruikt voor de afleiding van een dbc-zorgproduct.

6 Een uitgevoerde zorgactiviteit mag slechts aan één subtraject worden gekoppeld.

7 Wanneer dubbelzijdige aandoeningen aan beide zijden operatief behandeld worden en hiervoor een parallel zorgtraject wordt geopend, dan worden vanaf het moment dat één van de operatieve subtrajecten is afgesloten alle erop volgende zorgactiviteiten binnen één zorgtraject geregistreerd.

8 Zorgactiviteiten die (binnen) 120 dagen na de ingangsdatum van deze regeling worden beëindigd, mogen alleen geregistreerd worden in overlopende subtrajecten (subtrajecten gestart in jaar t–1 en doorlopend in jaar t).

9 Verpleegdagen worden gekoppeld aan het subtraject van de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert en verantwoordelijk is voor de klinische opname. Alle verpleegdagen die horen bij de klinische opname worden binnen hetzelfde zorgtraject aan een subtraject gekoppeld.

Uitzonderingen hierop zijn:

• Een klinische overdracht van de patiënt aan een beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert van een ander medisch specialisme. Wanneer dit expliciet uit het medisch dossier blijkt, worden de opvolgende verpleegdagen gekoppeld aan het subtraject.

• van de overnemende beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert. Kinderen met een SKION-stratificatie die een allogene stamceltransplantatie of immuun effectorcel therapie ondergaan en voorafgaand aan de transplantatie- of infusiefase al klinisch opgenomen zijn. De verpleegdagen worden dan vanaf de start van de conditionering aan het zorgtraject voor de stamceltransplantatie of immuun effectorcel therapie gekoppeld.

Regeling
Regeling medisch-specialistische zorg
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0048689
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl