wetzoeker

Artikel 5 Instellingsbesluit landelijke versnellingstafel woningbouw

1 Aan de leden, genoemd in artikel 4, derde lid, onder a, f en g, wordt, indien zij daarvan gebruik wensen te maken, en indien zij niet vallen onder de uitzondering van artikel 2, derde lid, van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies, een vaste vergoeding per maand toegekend, waarbij de toepasselijke salarisschaal wordt bepaald op het maximum van schaal 18 zoals overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst voor rijksambtenaren bij een arbeidsduurfactor van 12/36.

2 Aan de leden, genoemd in artikel 4, derde lid, onder b tot en met e, wordt, indien zij daarvan gebruik wensen te maken, en indien zij niet vallen onder de uitzondering van artikel 2, derde lid, van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies, een vaste vergoeding per maand toegekend, waarbij de toepasselijke salarisschaal wordt bepaald op het maximum van schaal 18 zoals overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst voor rijksambtenaren bij een arbeidsduurfactor van 8/36.

3 Aan de voorzitter van de door het Rijk ingestelde Aanjaagteam Wonen, welzijn en zorg wordt, indien hij daarvan gebruik wenst te maken, en indien hij niet valt onder de uitzondering van artikel 2, derde lid, van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies, een vaste vergoeding per maand toegekend, waarbij de toepasselijke salarisschaal wordt bepaald op het maximum van schaal 18 zoals overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst voor rijksambtenaren bij een arbeidsduurfactor van 2/36.

Regeling
Instellingsbesluit landelijke versnellingstafel woningbouw
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
06-02-2025
BWB-id
BWBR0048175
Versie
2025-02-06_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl