wetzoeker

2.4 — Strafrechtelijk te handhaven overtredingen van de Arbowet en Arbeidstijdenwet Aanwijzing handhaving Abeidsomstandighedenwet en Arbeidstijdenwet

Strafrechtelijk te handhaven overtredingen van de Arbowet en Arbeidstijdenwet

De strafrechtelijk te handhaven overtredingen van de Arbowet en de Atw, aangewezen als economische delicten in art. 1, onder 1°, Wet op de economische delicten (hierna: Wed) zijn:

a) overtredingen van of krachtens art. 6, eerste lid, eerste volzin, Arbowet (het niet nemen van maatregelen ter voorkoming en beperking van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken en de gevolgen daarvan voor de veiligheid en de gezondheid van de werknemers (de verbodsbepalingen staan in het Brzo);

b) overtredingen krachtens art. 6, eerste lid, tweede volzin, en art. 16, tiende lid, Arbowet (verbodsbepalingen uit het Arbeidsomstandighedenbesluit (hierna: Arbobesluit), voor zover als strafbare feiten aangewezen);

c) overtreding van art. 28, zesde lid, Arbowet (negeren van een bevel tot stillegging van werkzaamheden);

d) overtreding van art. 28a, zesde lid, Arbowet (negeren van een bevel tot stillegging van werkzaamheden in verband met recidive);

e) overtreding van art. 32 Arbowet (handelen of nalaten in strijd met de Arbowet indien daardoor levensgevaar of ernstige schade aan de gezondheid van een of meer werknemers ontstaat of te verwachten is);

f) overtreding van art. 11:3 Atw (een kind verboden arbeid laten verrichten in de zin van art. 3:2 Atw waarbij het kind een arbeidsongeval overkomt met ernstig lichamelijk of geestelijk letsel of de dood ten gevolge);

g) overtreding van art. 8:3 Atw (negeren van een bevel tot staken van de arbeid);

h) overtreding van art. 8:3a, zesde lid, Atw (negeren van een bevel tot staken van de arbeid in verband met recidive).

De strafrechtelijk te handhaven overtredingen van de Arbowet en van de Atw worden gekwalificeerd als misdrijf voor zover de gedragingen opzettelijk zijn begaan (art. 2, eerste lid, Wed). Misdrijven van de Arbowet en de Atw worden bestraft met een gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren, taakstraf of geldboete van de vijfde en onder omstandigheden de zesde categorie (art. 6, eerste lid, sub 1, Wed). Wanneer bij de veroordeling van een rechtspersoon bestraffing met een geldboete van de zesde categorie mogelijk is maar deze boetecategorie geen passende bestraffing toelaat, kan de geldboete worden verhoogd tot tien procent van de jaaromzet (art. 23, zevende lid Sr).

Voor een overtreding van de Arbowet en de Atw is de maximale straf één jaar hechtenis, taakstraf of geldboete van de vierde categorie (art. 6, eerste lid, sub 1, onder 4°, Wed).

Verdachten ter zake van delicten van de Arbowet en de Atw worden gedagvaard voor de economische strafkamer van de rechtbank; in geval van samenhang met niet-economische delicten kunnen de verdachten behalve voor de economische strafkamer ook voor een andere strafkamer van de rechtbank gedagvaard worden (artt. 38 en 39 van de Wed). Bij de keuze van de rechtbank wordt tevens rekening gehouden met de belangen van slachtoffers of de nabestaanden.

Regeling
Aanwijzing handhaving Abeidsomstandighedenwet en Arbeidstijdenwet
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-04-2023
BWB-id
BWBR0047984
Versie
2023-04-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl