wetzoeker

6.2.3 — Minimale werkzaamheden (deel 1) Regeling onderwijsaccountantsprotocol OCW 2022

Minimale werkzaamheden

1 december 2022

Algemene werkzaamheden

De instellingsaccountant stelt vast dat:

Tabel 6.2.3a Algemene werkzaamheden

Item | Te verrichten werkzaamheden

Aansluiting van de afzonderlijke opgave van bekostigingsgegevens op de administratie van de instelling | – de opgaven van het aantal proefschriften leidend tot een promotie en het aantal ontwerperscertificaten aansluiten op het register dat hiervan wordt aangehouden door de instelling; – de overige afzonderlijke opgegeven bekostigingsgegevens aansluiten op de gegevens uit de administratie van de betreffende instelling.

Verificatie nationaliteitsgegevens | – de instelling een procedure heeft ingericht voor de verificatie van nationaliteitsgegevens voor zover deze gegevens niet zijn opgenomen in een basisregistratie personen (BRP) volgens de Wet Basisregistratie personen.

Naleving van Koppelingswet | – de instelling een procedure heeft beschreven en hanteert voor de inschrijving van studenten die vallen onder de Koppelingswet (bij de inschrijving 18 jaar of ouder en niet over een Nederlandse Nationaliteit beschikken).

Notitie Helderheid HO en de aanvulling op de notitie Helderheid | – de door instelling m.b.t. bekostigingsgegevens in het bestuursverslag verantwoorde informatie (thema 8 maatwerktrajecten, het aantal studenten dat hieraan deelneemt) juist en volledig is.

Afzonderlijke opgave 2022 van promoties WO (artikel 7.18, van de WHW en artikel 4.21, van het Uitvoeringsbesluit WHW 2008) | – het aantal proefschriften dat in 2022 heeft geleid tot een promotie, onder verantwoordelijkheid van de instelling, overeenkomt met het aantal proefschriften dat is opgenomen in het promotieregister van de betreffende instelling wegens een in 2022 met goed gevolg verdedigd proefschrift. – het aantal proefschriften dat in 2022 heeft geleid tot een promotie, gezamenlijk verleend met Nederlandse instellingen, overeenkomt met het aantal proefschriften dat is opgenomen in het promotieregister van de betreffende instelling wegens een in 2022 met goed gevolg verdedigd proefschrift. – het aantal proefschriften dat in 2022 heeft geleid tot een promotie, gezamenlijk verleend met buitenlandse instellingen, ten overstaan van het college voor promoties of de commissie bedoeld in artikel 7.18, vierde lid, van de wet, overeenkomt met het aantal proefschriften dat is opgenomen in het promotieregister van de betreffende instelling wegens een in 2022 met goed gevolg verdedigd proefschrift. – Indien de instelling ook een aantal niet eerder opgegeven proefschriften leidend tot een promotie in het kalenderjaar 2021 en/of een aantal niet eerder opgegeven proefschriften leidend tot een promotie in het kalenderjaar 2020 heeft opgenomen in de opgave dan zijn de hierboven opgenomen werkzaamheden vergelijkbaar van toepassing voor deze opgegeven proefschriften.

Afzonderlijke opgave 2022 ontwerperscertificaten WO | – het aantal in 2022 uitgereikte ontwerperscertificaten overeenkomt met het aantal getuigschriften wegens het met goed gevolg afronden van onderwijs als bedoeld in de bijlage bij het Uitvoeringsbesluit WHW 2008. – Indien de instelling ook een aantal niet eerder opgegeven ontwerperscertificaten dat is uitgereikt in het kalenderjaar 2021 en/of een aantal niet eerder opgegeven ontwerperscertificaten dat is uitgereikt in het kalenderjaar 2020 heeft opgenomen in de opgave dan zijn de hierboven opgenomen werkzaamheden vergelijkbaar van toepassing voor deze opgegeven ontwerperscertificaten.

Beoordeling van inschrijvingen in de peilperiode (HO)

Voor wat betreft inschrijvingen gedurende de peilperiode (HO) stelt de instellingsaccountant vast dat:

Tabel 6.2.3b beoordeling inschrijvingen in de peilperiode

Item | Te verrichten werkzaamheden

Toetsing gegevens vooropleiding (hoofdstuk 7, titel 2, van de WHW, artikel 7.37e van de WHW en Regeling afwijkende inschrijving hoger onderwijs COVID-19) | – bij een nieuwe inschrijving bacheloropleiding/associate degree-opleiding: de student voldoet aan de vooropleidingseisen ex hoofdstuk 7, titel 2, paragraaf 1 of artikel 7.37e, van de WHW op basis van digitale verificatie door DUO of afschriften van getuigschriften; – bij een nieuwe inschrijving bacheloropleiding/associate degree-opleiding: de student aan een opleiding met decentrale selectie is toegelaten op grond van een bewijs namens de instelling in de regel vanuit studielink d.m.v. digitale registratie in studielink; – bij een nieuwe inschrijving masteropleiding: de student voldoet aan de vooropleidingseisen ex hoofdstuk 7, titel 2, paragraaf 2 of artikel 7.37e, van de WHW op basis van digitale verificatie door DUO of afschriften van getuigschriften of een bewijs van toelating voor die opleiding ex artikel 7.30b, lid 3. Digitale verificatie door DUO kan bijvoorbeeld aan de hand van de foto van Studielink worden vastgesteld. De accountant mag uitgaan van de betrouwbaarheid van de geverifieerde diplomagegevens in de database van Studielink, de verificatie heeft plaatsgevonden aan de hand van Mijn diploma’s in het Register onderwijsdeelnemers van DUO. Geverifieerde gegevens kunnen niet overschreven worden.

Het voldoen aan de verplichting tot het betalen van collegegeld (artikelen 7.37 en 7.43, van de WHW, artikel 17b en 17j, van het Besluit experimenten flexibel hoger onderwijs) Nadere uitleg voor studenten die zijn ingeschreven op grond van artikel 7.37e, van de WHW. Hoewel de uitleg is geschreven voor het studiejaar 2020–2021, is deze inhoudelijk vergelijkbaar van toepassing voor het studiejaar 2022–2023 (brief VH, brief VSNU) | – de student op het moment van inschrijving heeft voldaan aan de verplichting tot het voldoen van collegegeld ex artikel 7.37 en ex artikel 7.43, van de WHW, dat wil zeggen een betaling van het collegegeld ineens of op basis van een machtiging tot het innen van het collegegeld via een regeling tot gespreide betaling, zijnde het instellingscollegegeld of het volledige, gedeeltelijke of verlaagde wettelijk collegegeld; – de student, die deelneemt aan het experiment flexstuderen, het collegegeld als bedoeld in artikel 17b, van het Besluit experimenten flexibel hoger onderwijs heeft voldaan, dat wil zeggen betaling van collegegeld ineens of op basis van een machtiging tot het innen van het collegegeld via een regeling tot gespreide betaling. Hierbij stelt de instellingsaccountant ook vast dat de betreffende onderwijsinstelling toestemming voor deelname aan het experiment heeft verkregen van OCW; – bij het voldoen van het collegegeld voor de student door een derde, de student schriftelijk of via digitale mogelijkheid in Studielink heeft verklaard hiermee akkoord te zijn gegaan; – de student niet is vrijgesteld van het voldoen van collegegeld ex artikel 7.47a, artikel 7.48, lid 1 of lid 2, van de WHW (artikel 7.48 lid 1 of 2 geldt niet voor de studenten, die deelnemen aan het experiment flexstuderen).

Toetsing inschrijving aan een opleiding (artikel 7.32, van de WHW en artikel 4.1 en 4.8, van het Uitvoeringsbesluit WHW 2008 en artikel 3b, van de Regeling Financiën Hoger Onderwijs) | – de volgende velden van de recordsoort inschrijving (ISG) in het Register onderwijsdeelnemers juist zijn gevuld: • datum inschrijving • datum uitschrijving • erkende opleidingscode • opleidingsfase • opleidingsvorm • inschrijvingsvorm • eerste inschrijving Op basis van artikel 7.32, lid 7, van de WHW is de datum inschrijving juist als een inschrijving gedurende de maand heeft plaatsgevonden en op de eerste van de betreffende maand in het Register onderwijsdeelnemers is geregistreerd. Dit geldt echter niet voor de maand oktober vanwege de afgrenzing van de peilperiode tot en met 1 oktober 2022, dit is wettelijk geregeld in artikel 3b, van de Regeling Financiën Hoger Onderwijs.

Regeling
Regeling onderwijsaccountantsprotocol OCW 2022
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
02-02-2023
BWB-id
BWBR0047848
Versie
2023-02-02_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl