wetzoeker

Beleidsregels diplomatieke en dienstpaspoorten

Besluit van de Minister van Buitenlandse Zaken van 16 december 2022, nr. Min-BuZa.2022.14731-25, houdende beleidsregels voor de verstrekking en het gebruik van diplomatieke en dienstpaspoorten (Beleidsregels diplomatieke en dienstpaspoorten)

Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
29-12-2022
Rechtsgebied
Openbare orde en veiligheidsrecht
Ministerie
Buitenlandse Zaken
BWB-id
BWBR0047688
Versie
2022-12-29_0
SHA-256 bron
5d629170f6dfd321e8a17643adfc87bcffbf05a16324cdad9e4bdcf00fa395b7

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (11)
  1. Artikel I
  2. Artikel II
  3. Artikel III
  4. Artikel IV
  5. Bijlage — Beleidsregels voor verstrekking en gebruik diplomatiek of dienstpaspoort (bijlage bij artikel I)
  6. Artikel 1 — Diplomatiek paspoort leden Koninklijk Huis en diplomaten
  7. Artikel 2 — Diplomatiek paspoort overige functionarissen
  8. Artikel 3 — Dienstpaspoort
  9. Artikel 4 — Verstrekken en inhouden diplomatiek of dienstpaspoort
  10. Artikel 5 — Inleveren diplomatiek of dienstpaspoort
  11. Artikel 6 — Overgangsrecht

Artikel I

Voor de verstrekking en het gebruik van diplomatieke en dienstpaspoorten op grond van artikel 10 van de Paspoortwet gelden de beleidsregels, bedoeld in de bijlage bij dit besluit.

Artikel II

Het besluit van 31 juli 2007, kenmerk DCZ 016/07, houdende beleidsregels voor de verstrekking en het gebruik van diplomatieke en dienstpaspoorten (Beleidsregels diplomatieke en dienstpaspoorten), wordt ingetrokken.

Artikel III

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Artikel IV

Dit besluit wordt aangehaald als: Beleidsregels diplomatieke en dienstpaspoorten.

Bijlage — Beleidsregels voor verstrekking en gebruik diplomatiek of dienstpaspoort (bijlage bij artikel I)

Bijlage — Beleidsregels voor verstrekking en gebruik diplomatiek of dienstpaspoort (bijlage bij artikel I)

Definitie- en algemene bepalingen:

– De Nederlandse nationaliteit is een voorwaarde voor de afgifte van een dienstpaspoort of diplomatiek paspoort.

– Aanvragen worden uitsluitend ingediend via de voorgeschreven procedure.

– Het is niet toegestaan gebruik te maken van het diplomatieke of dienstpaspoort voor privéreizen, met uitzondering van de personen, bedoeld in artikel 1.

– Definitie gezinsleden: Onder gezinsleden wordt verstaan de huwelijkspartner, geregistreerd partner of de partner met wie een samenlevingscontract gesloten is. Daarnaast vallen onder gezinsleden minderjarige kinderen en meerderjarige kinderen tot de leeftijd van 25 jaar die van hun ouders afhankelijk zijn.

– De geldigheidsduur van een dienstpaspoort of diplomatiek paspoort is afhankelijk van de duur van de dienstopdracht of plaatsing, met een maximale geldigheidsduur van 10 jaar.

Bijlage — Beleidsregels voor verstrekking en gebruik diplomatiek of dienstpaspoort (bijlage bij artikel I) › Artikel 1 — Diplomatiek paspoort leden Koninklijk Huis en diplomaten

Artikel 1 — Diplomatiek paspoort leden Koninklijk Huis en diplomaten

Diplomatieke paspoorten geldig voor alle landen worden verstrekt aan:

a. de leden van het Koninklijk Huis;

b. personen die zijn uitgezonden door of onder verantwoordelijkheid van de Minister van Buitenlandse Zaken en al dan niet voor korte duur werkzaam zijn op een vertegenwoordiging van het Koninkrijk in het buitenland en aan hun gezinsleden.

Bijlage — Beleidsregels voor verstrekking en gebruik diplomatiek of dienstpaspoort (bijlage bij artikel I) › Artikel 2 — Diplomatiek paspoort overige functionarissen

Artikel 2 — Diplomatiek paspoort overige functionarissen

Diplomatieke paspoorten geldig voor alle landen worden ook verstrekt aan:

a. de Minister-President, de voorzitters van de Eerste Kamer en van de Tweede Kamer der Staten-Generaal en de voorzitters van de Staten van Curaçao, Sint Maarten en Aruba;

b. de ministers en de staatssecretarissen van Nederland, Curaçao, Sint Maarten en Aruba en de gevolmachtigde ministers van Curaçao, Sint Maarten en Aruba en hun plaatsvervangers;

c. de leden van de Staten-Generaal van Nederland, de leden van de Staten van Curaçao, Sint Maarten en Aruba en de Nederlandse leden van het Europees parlement, voor zover zij naar landen met veiligheidsrisico’s moeten reizen;

d. de bij koninklijke beschikking benoemde leden van de Hofhouding van Zijne Majesteit de Koning, alsmede de Adjudant-Generaal tevens Chef Militaire Huis en de adjudanten van Zijne Majesteit de Koning;

e. de ministers van Staat, de vicepresident van de Raad van State, de directeur van het Kabinet van de Koning, de gouverneurs van Curaçao, Sint Maarten en Aruba en de commissarissen van de Koning;

f. de president van de Algemene Rekenkamer, de Nationale ombudsman, de leden van de Raad van State, de president van de Hoge Raad, de procureur-generaal bij de Hoge Raad, de secretarissen-generaal van de ministeries, de (plaatsvervangend) directeuren van de kabinetten van de gouverneurs van Curaçao, Sint Maarten en Aruba en de adjudanten van de Gouverneurs van Curaçao, Sint Maarten en Aruba;

g. de personen die in Nederland bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken zijn geplaatst of gedetacheerd, de in Willemstad geplaatste ambtenaren van de Directie Buitenlandse Betrekkingen van Curaçao, de in Philipsburg geplaatste ambtenaren van de Directie Buitenlandse Betrekkingen van Sint Maarten en de in Oranjestad geplaatste ambtenaren van de Dienst Buitenlandse Betrekkingen van Aruba, voor zover zij uit hoofde van de functie, regelmatig, of incidenteel, onder bijzondere omstandigheden, naar landen met veiligheidsrisico’s moeten reizen;

h. andere personen die, of op grond van hun functie volgens internationaal gebruik, of om andere gewichtige redenen voor verstrekking van een diplomatiek paspoort in aanmerking komen.

Bijlage — Beleidsregels voor verstrekking en gebruik diplomatiek of dienstpaspoort (bijlage bij artikel I) › Artikel 3 — Dienstpaspoort

Artikel 3 — Dienstpaspoort

Dienstpaspoorten geldig voor alle landen worden verstrekt aan:

a. de leden, niet genoemd in artikel 2, eerste lid, onder d, van het Civiele Huis en van het Militaire Huis van Zijne Majesteit de Koning;

b. Rijksambtenaren die uit hoofde van hun functie en voor de werkzaamheden van de Staat der Nederlanden naar het buitenland reizen;

c. de functionarissen die door de rijksoverheid worden gedetacheerd of werkzaam zijn bij internationale organisaties en in beginsel gebruik dienen te maken van het reisdocument dat door de internationale organisatie wordt verstrekt. Alleen onder bijzondere omstandigheden kan het Ministerie van Buitenlandse Zaken een dienstpaspoort verstrekken;

d. de militairen en beveiligingsfunctionarissen die uit hoofde van hun functie en voor werkzaamheden voor de Staat der Nederlanden naar het buitenland reizen;

e. overige functionarissen die uit hoofde van hun functie en voor de werkzaamheden van de Staat der Nederlanden naar het buitenland reizen;

f. andere personen die, of op grond van hun functie volgens internationaal gebruik, of om andere gewichtige redenen voor verstrekking van een dienstpaspoort in aanmerking komen.

Bijlage — Beleidsregels voor verstrekking en gebruik diplomatiek of dienstpaspoort (bijlage bij artikel I) › Artikel 4 — Verstrekken en inhouden diplomatiek of dienstpaspoort

Artikel 4 — Verstrekken en inhouden diplomatiek of dienstpaspoort

1. Een diplomatiek of dienstpaspoort wordt alleen verstrekt als de aanvrager beschikt over een geldig reisdocument van het Koninkrijk der Nederlanden of een Nederlandse identiteitskaart.

2. De Minister van Buitenlandse Zaken kan vaststellen dat er aanspraak is op plaatsing van een dienstpaspoortclausule in een nationaal paspoort, waardoor dat paspoort tijdelijk de status van een dienstpaspoort krijgt.

3. De Minister van Buitenlandse Zaken kan het diplomatieke of dienstpaspoort inhouden, als de houder de voorwaarden voor het gebruik hiervan niet naleeft.

Bijlage — Beleidsregels voor verstrekking en gebruik diplomatiek of dienstpaspoort (bijlage bij artikel I) › Artikel 5 — Inleveren diplomatiek of dienstpaspoort

Artikel 5 — Inleveren diplomatiek of dienstpaspoort

De houder levert het diplomatiek of dienstpaspoort direct in bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken of de Gouverneur op Aruba, Curaçao of Sint Maarten, wanneer de geldigheidsduur hiervan is verstreken of de grond voor de verstrekking hiervan is vervallen.

Bijlage — Beleidsregels voor verstrekking en gebruik diplomatiek of dienstpaspoort (bijlage bij artikel I) › Artikel 6 — Overgangsrecht

Artikel 6 — Overgangsrecht

Diplomatieke of dienstpaspoorten in het bezit van personen die na inwerkingtreding van deze beleidsregels niet meer in aanmerking komen voor een diplomatiek of dienstpaspoort, blijven geldig tot het verstrijken van de geldigheidsduur van het reisdocument.