wetzoeker

3.4.3 — Opgaven met en zonder context Regeling beoordelingskader doorstroomtoets PO

Opgaven met en zonder context

In het terrein Rekenen van een doorstroomtoets moeten zowel opgaven met context als opgaven zonder context (zogenoemde ‘kale opgaven’) worden opgenomen.

Kwaliteitseisen

Beslisregel: Om aan deze categorie kwaliteitseisen te voldoen, moeten alle vragen met JA of N.V.T. worden beantwoord.

Code | Vragen | Mogelijke antwoorden

C1 | Is minstens 20% en maximaal 35% van de aangeboden toetsopgaven van het terrein Rekenen een kale opgave? | ja/nee

C2 | Is minstens 65% en maximaal 80% van de aangeboden toetsopgaven van het terrein Rekenen een contextopgave? | ja/nee

C3 | Verantwoordt de toetsaanbieder (o.a. met het opleveren van enkele (voorbeeld)toetspaden) op basis van welke beslisregel (het algoritme in het geval van een CAT en het module-design in het geval van een MST) de vereiste percentuele verdelingen zoals in C1 t/m C2 geschetst wordt gehaald? | ja/nee/n.v.t.

Toelichting C1 t/m C2: De gestelde percentages toetsopgaven gelden voor zowel papieren toetsen, lineaire digitale toetsen, computergestuurde adaptieve toetsen op itemniveau (CAT) en adaptieve toetsen op moduleniveau (MST).

Toelichting C3: Alleen van toepassing bij een digitale adaptieve toets (CAT of MST). Naast het algoritme of module-design moet de werking van de beslisregel worden aangetoond door middel van het opleveren van enkele (voorbeeld)toetspaden met de vereiste percentuele verdelingen zoals in C1 t/m C2 geschetst, zoals die door de beslisregel worden gegenereerd.

Regeling
Regeling beoordelingskader doorstroomtoets PO
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
06-01-2026
BWB-id
BWBR0047614
Versie
2026-01-06_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl