wetzoeker

3 — Niet in de integrale kostensystematiek op te nemen kostencomponenten Subsidieregeling strategisch belangrijke onderzoeksprogramma’s (SBO)

Niet in de integrale kostensystematiek op te nemen kostencomponenten

3.1 Kosten van algemene research

3 Onder algemene research valt basisonderzoek, waaronder het eerste geldstroom onderzoek van universiteiten. De directe kosten van algemene research mogen niet zonder meer deel uitmaken van de integrale kostensystematiek. De indirecte kosten die aan algemene research zijn verbonden kunnen wel deel uitmaken van de systematiek, mits deze kosten evenredig worden omgeslagen over alle activiteiten.

.

3.2 Kosten die al door de overheid of derden zijn of worden gefinancierd. Bijvoorbeeld afschrijvingskosten van reeds gefinancierde gebouwen, installaties en apparatuur.

3.3 Kosten die het gevolg zijn van buitensporige of roekeloze uitgaven

4 Van buitensporige uitgaven is sprake als subsidieontvanger aanmerkelijk meer betaalt voor producten, diensten of personeel dan tegen de gangbare markttarieven, waardoor een vermijdbaar verlies wordt geleden of een vermijdbare hoge prijs wordt betaald. Roekeloze uitgaven betreffen het onzorgvuldig omgaan met het selecteren van producten, diensten of personeel waardoor eveneens een vermijdbaar verlies wordt geleden of een vermijdbare hoge prijs wordt betaald.

.

3.4 Kosten die door crediteuren in rekening worden gebracht bij te laat betalen.

3.5 Kosten van incourante voorraden.

3.6 Kosten van vaste activa als gevolg van leegstand buiten de normale bezetting.

3.7 Kosten van externe subsidie-adviseurs voor zover deze specifiek betrokken zijn bij de aanvraag van individuele projecten.

3.8 Voorzieningen en reserveringen voor verliezen en schulden

5 Deze uitsluiting betreft reserveringen en voorzieningen die niet rechtstreeks aan kosten voor normale bedrijfsuitoefening verbonden zijn. Overlopende activa en passiva zijn dus niet uitgesloten.

.

3.9 Alle indirecte belastingen, waaronder BTW, voor zover die kunnen worden teruggevorderd of verrekend.

3.10 Bemiddelingskosten, transactiekosten en provisies bij het afsluiten van leningen.

3.11 Bemiddelingskosten, transactiekosten en provisies bij het beleggen van geld.

3.12 Rentekosten, met uitzondering van rente voor gebouwen en technische installaties, mits toerekenbaar aan de subsidiabele activiteiten.

3.13 Rekenrente op met eigen vermogen gefinancierde activa.

3.14 Wisselkoersverliezen.

Regeling
Subsidieregeling strategisch belangrijke onderzoeksprogramma’s (SBO)
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
18-07-2025
BWB-id
BWBR0047415
Versie
2025-07-18_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl